Translate

dinsdag 23 juni 2026

Het jaar is bijna 2 dagen oud

2 januari 2013

Met kerst heb ik gewerkt en dus ben ik met oud en nieuw vrij. Binnen de politie is het ieder jaar opnieuw een strategisch steekspel van formaat. Collega's wringen zich in allerlei bochten om juist die feestdagen vrij te krijgen die thuis het meest gewenst zijn. Een terugkerend spanningsveld tussen krijgen en werken.

Persoonlijk heb ik weinig moeite met die verdeling.

Geef mij maar kerst vrij. Dan ontloop ik de loopgraven van kruitdampen, hossende menigten die naar alcohol en anarchie ruiken, en de jaarlijks terugkerende geweldsgolf tegen politie en hulpverleners. Het lijkt soms alsof tijdens de jaarwisseling tijdelijk andere natuurwetten gelden. Wat normaal niet mag, mag dan ineens een beetje. Wat verboden is, wordt gedoogd. En wat gevaarlijk is, wordt traditie genoemd.

De eenzamen, de zieken en de mensen die geen feestje hebben, laat ik daarbij nog buiten beschouwing.

Op 2 januari 2013 gaat om 05.00 uur de wekker. Dan is er koffie. Een boterham. Brood smeren voor onderweg.

Dan stap ik samen met mijn trouwste metgezel naar buiten: mijn Giant. Mijn stalen ros brengt mij door de koude ochtend naar het bureau.

De straten liggen er verlaten bij.

De rook van de afgelopen nacht hangt nergens meer zichtbaar in de lucht, maar op basis van ervaring weet ik beter. De jaarwisseling laat altijd haar sporen achter. Soms in de vorm van vernielingen. Soms in de vorm van letsel. Soms in de vorm van processen-verbaal. En soms in een vorm die veel definitiever is.

Om 06.30 uur sta ik in uniform op het bureau.

Nieuwjaarswensen vliegen over en weer tussen de afgaande nachtdienst en de opkomende ploeg.

"Rustige nacht gehad."

Dat heb ik in mijn loopbaan vaker gehoord. Meestal betekent het dat de ellende simpelweg is doorgeschoven naar de vroege dienst.

Onze eerste melding volgt niet veel later.

De thuiszorg heeft tijdens haar ronde een overleden bewoner aangetroffen. Gelukkig beschikt zij over een sleutel en is de woning reeds betreden. Zoals gebruikelijk volgen de noodzakelijke procedures. Een forensisch arts wordt ingeschakeld om een misdrijf uit te sluiten.

Dat blijkt gelukkig niet aan de orde.

Familie wordt geïnformeerd. De uitvaartondernemer wordt in kennis gesteld. Wij beantwoorden vragen en helpen waar mogelijk.

Een verdrietige melding, maar een melding die hoort bij het leven.

Nog voordat de afhandeling volledig is afgerond, komt een tweede melding binnen.

Een persoon zou van een flat willen springen.

Onze collega's van een andere surveillance zijn reeds ter plaatse.

De man staat boven aan de balustrade.

Hij is bekend binnen de hulpverlening. Een lange geschiedenis van psychische problemen gaat aan deze ochtend vooraf. Wat er zich precies in zijn hoofd afspeelt zullen wij nooit weten.

Wel weten we dat collega's alles doen wat binnen hun mogelijkheden ligt.

Ze praten. Ze proberen contact te maken. Ze proberen tijd te winnen.

Maar soms bereiken woorden iemand niet meer. Dan laat hij los.

Wanneer wij arriveren is het net gebeurd.

Ik ken die flats goed. Jaren eerder woonde ik in de buurt. Voor mij zijn het altijd herkenningspunten in het landschap. Die ochtend krijgen ze een andere betekenis. Zoals al zo vaak in het politiewerk."

Wat ik daar zie, staat nog steeds op mijn netvlies. Sommige beelden vervagen. Andere niet. Deze behoort tot die laatste categorie.

Daarna begint het werk. Onderzoek. Afzettingen. Registraties. Collega's. Hulpdiensten. Familie.

Iedere schakel moet zorgvuldig worden uitgevoerd. Zoals altijd. Zoals het hoort.

Wanneer alles uiteindelijk is afgerond, is het inmiddels middag geworden.

We krijgen een half uur om te eten. Een boterham smaakt dan niet anders dan normaal.

Dat blijft misschien wel een van de vreemdste eigenschappen van politiewerk.

De wereld kan in een paar uur volledig ontsporen, terwijl jij vervolgens gewoon je lunch opeet omdat de dienst nog niet voorbij is.

Wat er daarna nog gebeurd is die dag weet ik niet meer.

Deze twee meldingen hebben alle andere herinneringen overschreven.

Na afloop van de dienst stap ik weer op mijn Giant. De terugweg voert langs velden en paden die ik als een mentale TomTom instel.

Eindelijk rust. Geen portofoon. Geen meldkamer. Geen zwaailichten.

Alleen tijd om de gebeurtenissen nog eens langs te laten komen.

Thuis is het goed toeven.

De piketbedrijfsopvangfunctionaris sprak later met de betrokken collega's, waaronder wijzelf. Kijken. Luisteren. Peilen hoe iedereen erbij zat. Binnenkort zal nog een vervolggesprek volgen. 


Sommige nieuwjaarsdagen beginnen met vuurwerk.

Die van 2013 begon voor mij met de dood.