Translate

dinsdag 23 juni 2026

Die ene rechtbank uitspraak

Rechtbankuitspraak

Lange tijd geleden las ik een rechtbankuitspraak die mij altijd is bijgebleven. Een zaak waarbij een vrouwelijke politiecollega zwaar gewond raakte door extreem geweld. Een uitspraak waarbij de haren recht overeind gaan staan.

De vele berichten over PTSS, de discussies rondom opvang van politiemensen en de dossiers van collega's die ik in de loop der jaren voorbij heb zien komen, brengen mij telkens terug naar die ene zaak.

Politiemensen worden geacht hulp te verlenen aan hen die dat nodig hebben. Dag en nacht. Ze stappen situaties binnen waar anderen instinctief een stap achteruit doen. Niet omdat zij geen angst kennen, maar omdat hun taak van hen vraagt om naar voren te gaan wanneer anderen wegvluchten.

Wanneer dat misgaat, blijven de fysieke en mentale littekens vaak een leven lang zichtbaar. Voor de collega zelf, maar ook voor het gezin dat noodgedwongen meedraagt wat er tijdens een dienst gebeurde. Daarom verdienen collega's die tijdens hun werk zwaar letsel oplopen meer dan applaus alleen. Zij verdienen steun, begrip en professionele hulp wanneer de gevolgen hen blijven achtervolgen.

De zaak waar ik aan terugdenk ging over een man met een achtergrond in de vechtsport. Buiten de ring gebruikte hij zijn vaardigheden niet voor sportieve doeleinden, maar tegen een politieagente die haar werk deed.

Tijdens een geweldsincident kreeg zij een harde vuistslag in het gezicht. De klap was zo hevig dat zij achterover viel en met haar hoofd op het wegdek terechtkwam. Wat volgde was een langdurig traject van herstel, met zware fysieke en emotionele gevolgen.

De verdachte was geen onbekende van justitie. Volgens het dossier had hij eerder geweld gebruikt en tijdens dit incident werd bovendien een politievoertuig vernield. De officier van justitie achtte het geweld zo ernstig dat een forse straf op zijn plaats werd geacht.

Toch kwam de rechtbank uiteindelijk tot een aanzienlijk lichtere uitkomst. Juridisch gezien zal daar ongetwijfeld een onderbouwde redenering achter hebben gezeten. Dat is de taak van de rechter in onze rechtsstaat.

Maar soms schuurt dat.

Soms lees je een uitspraak en vraag je je af hoe dit voor het slachtoffer moet voelen. Voor de collega die de klap heeft ontvangen. Voor haar gezin. Voor haar collega's die de gevolgen van dichtbij hebben gezien.

Want achter ieder dossiernummer schuilt een mens.

De vraag wat zij anders had moeten doen, blijft onbeantwoord. Weglopen? Wachten op ondersteuning? Nog langer proberen te de-escaleren? Achteraf is iedere situatie eenvoudiger te beoordelen dan op het moment zelf.

De werkelijkheid is dat geweld zich vaak onverwacht aandient. Soms als een plotselinge storm. Soms als een explosie van agressie waar nauwelijks op te anticiperen valt.

Wat mij vooral is bijgebleven, is niet de naam van de verdachte of de exacte strafmaat. Het is het beeld van een collega die haar werk deed en daarvoor een hoge prijs betaalde.

Ik hoop oprecht dat politiemensen dergelijke ervaringen bespaard blijven. En wanneer de gevolgen zich toch aandienen, in de vorm van lichamelijk letsel, trauma of PTSS, dat zij niet hoeven te vechten voor begrip of hulp.

Dat de hand die zij jarenlang naar anderen uitstaken, op zo'n moment ook naar hen wordt uitgestoken.