Op 30 oktober 2014 ontvang ik opnieuw een bericht dat de veroordeelde TBS’er voor de rechtbank moet verschijnen. Meteen dringt die oude casus zich weer aan mij op, alsof bepaalde gebeurtenissen zich ergens diep in je geheugen vastzetten en bij het minste of geringste opnieuw komen bovendrijven.
In mijn beleving zit deze man langdurig opgeborgen en ver weg van de samenleving. Anders dan de vele draaideurcriminelen die wij als politie telkens opnieuw bij justitie aanleveren en die soms sneller buiten staan dan ons lief is. Bij TBS ligt dat anders. Daar hangt een zwaarder gewicht aan vast, een ander gevaar, een ander dossier.
Als politiemens leer je zaken loslaten. Dat moet ook wel, anders sleep je iedere dienst opnieuw met je mee. Zodra een verdachte aan justitie wordt overgedragen, verschuift de verantwoordelijkheid naar rechters, officieren en deskundigen. Toch zijn er dossiers die blijven haken.
Dit is er zo een.
Mijn collega en ik zitten tijdens de ochtenddienst even te pauzeren op het bureau. Met toestemming van de meldkamer staan wij op “pauze”, al blijft de portofoon gewoon openstaan. Dat hoort erbij. Waakzaam en dienstbaar stopt niet zodra je een boterham vastpakt.
Dan komt de melding binnen van een roofoverval op een winkel voor genot- en driftartikelen, op nog geen kilometer van ons bureau verwijderd. Nog voordat de centralist uitgesproken is, staan wij al recht en lopen richting surveillancewagen.
De overvaller blijkt inmiddels verdwenen wanneer wij aankomen. De winkelier is hevig geschrokken maar ongedeerd. Van rustig aangifte opnemen komt echter nog niets terecht, want eerst moet de verdachte gevonden worden.
Opvallend is hoe omstanders ons onmiddellijk de vluchtrichting aanwijzen. Het lijkt bijna alsof een menselijke ketting zich vormt door het voetgangersgebied. Mensen wijzen, roepen en gebaren tegelijkertijd dezelfde richting uit.
De dader heeft indruk gemaakt.
En niet in positieve zin.
Na enkele honderden meters zien wij hem lopen. Donkere kleding, een muts diep over zijn hoofd getrokken en een houding die meteen spanning oproept. Hij loopt niet als iemand die bang is om gepakt te worden, maar eerder als iemand die nog steeds agressie uitstraalt naar alles rondom hem heen.
Wij sommeren hem te stoppen.
Geen reactie.
Nogmaals roepen wij dat hij is aangehouden.
Hij draait zich om en komt onmiddellijk dreigend op ons afgelopen.
Op dat moment voel je dat er geen normale aanhouding meer volgt maar een fysieke confrontatie waarin snelheid en initiatief allesbepalend worden.
Wanneer hij binnen handbereik komt grijp ik hem vast en maak een binnenwaartse beenveeg waardoor hij hard achterover op straat belandt. Ik probeer hem direct in een controlegreep te krijgen, maar hij blijkt uitzonderlijk sterk, beweeglijk en agressief. Hij kronkelt zich los alsof hij geen botten in zijn lichaam heeft.
Er ontstaat een hevig gevecht op straat waarbij hij blijft schoppen, draaien en slaan om los te komen. Mijn collega en ik moeten allebei vol aan het werk om hem onder controle te houden.
Pas na een stevige worsteling krijgen wij hem uiteindelijk geboeid. Blij met mijn judo vaardigheden.
Tijdens de fouillering treffen wij een kartelmes aan. Gelukkig heeft hij geen kans gekregen om dit tegen ons of tegen anderen te gebruiken. Achteraf besef je pas hoe snel zo’n situatie volledig had kunnen escaleren.
Zelf bloedt hij wat uit het gezicht en ik houd enkele schaafwonden over aan ellebogen en knieën door het grondgevecht op straat. Geen ernstig letsel dus, maar wel een enorme fysieke uitputtingsslag.
Ook later in het cellencomplex blijft hij agressief gedrag vertonen tegenover collega’s. Zijn lichaam dampt van het zweet alsof zijn adrenaline geen uitweg meer vindt. Hij heeft een gespierd lijf en benen als hydraulische heistellingen die onophoudelijk blijven bewegen.
Of hij onder invloed van drugs verkeert weten wij op dat moment nog niet zeker, maar zijn gedrag doet veel vermoeden.
Na verder rechercheonderzoek blijkt dat deze verdachte veel meer geweldsincidenten op zijn naam heeft staan. Overvallen, mishandelingen en ernstige agressie vormen als het ware zijn vaste lichaamstaal.
Goed beschouwd is het maar beter geweest dat wij onmiddellijk de aanval hebben gekozen en hem geen ruimte hebben gegeven om zelf verder initiatief te nemen. Terugtrekken was op dat moment nauwelijks een optie geweest. Door snel en hard op te treden hebben wij mogelijk erger voorkomen.
De vechtpartij heeft ondertussen veel bekijks getrokken van geschrokken voorbijgangers die nauwelijks begrijpen wat zich voor hun ogen afspeelt.
Nu, jaren later, duikt zijn naam nog steeds af en toe opnieuw op via TBS-verlengingen en toetsingen door de rechtbank. Iedere keer word ik daardoor weer even teruggeworpen naar die naar die dag op straat.
Ik vraag mij dan soms af hoeveel geweld er nog steeds in hem leeft en hoeveel van het beest werkelijk getemd raakt binnen muren en systemen.
TBS is geen lichte maatregel.
En meestal ook geen toevallige.