Translate

zaterdag 15 augustus 2026

🚜 als de overheid grenzen oprekt, moet ze niet verbaasd zijn als anderen dat ook doen

 en nu is het ineens huilie huilie ...

Premier Jetten spreekt zijn afschuw uit over het dodelijke ongeval na de boerenprotesten en noemt de situatie bloedlink. Begrijpelijk, want dat is het ook. Maar ondertussen wordt het woord Extinction Rebellion zorgvuldig uit de politieke watten gehouden, alsof het een vies woord is dat niet op tafel mag komen. Want ja, dan wordt het ineens lastig om uit te leggen waarom bij de ene demonstratie de juridische grenzen heel scherp worden getrokken en bij de andere de grenzen ineens wat elastischer lijken.

Politiewetenschapper Jaap Timmer is daar een stuk duidelijker over. Demonstreren is een grondrecht, maar dat betekent niet dat je vervolgens de verkeersveiligheid, gezondheid en openbare orde aan de kant kunt schuiven. Volgens hem hadden de autoriteiten harder moeten optreden.

En daar zit precies mijn probleem.

De politie moet handhaven.

Maar de politie maakt de wet niet. De politie maakt ook geen politieke keuzes over welke risico's maatschappelijk aanvaardbaar zijn. De politie werkt binnen de wetgeving, de aanwijzingen van het bevoegd gezag en de politieke werkelijkheid die daarboven hangt.

Als vervolgens vooraf wordt besloten om tractoren niet tegen te houden zolang ze de snelweg niet blokkeren, ontstaat er een merkwaardige situatie. (Dus dan mag het wel) Een trekker hoort niet op de snelweg, maar kennelijk mag hij daar onder bepaalde omstandigheden toch rustig rondtoeren zolang het verkeersinfarct nog niet officieel is begonnen.

Dat is geen handhaving meer volgens het principe gelijke monniken, gelijke kappen, maar handhaving met een gebruiksaanwijzing.

En dan komen achteraf de bestuurders met ernstige gezichten vertellen dat dit natuurlijk nooit de bedoeling was.

Tja.

In het oude Rome hadden ze daar een mooie methode voor. Brood en spelen. Geef het volk wat vertier en wat brood, dan kijkt het misschien even niet naar de politieke problemen, de kosten en de moeilijke besluiten.

Tegenwoordig hebben we geen Colosseum meer nodig. Wij hebben talkshows, demonstraties, subsidies, compensatieregelingen en een eindeloze stroom politieke verklaringen waarin vooral heel zorgvuldig wordt uitgelegd waarom iets eigenlijk niet kan, maar voorlopig toch maar even gebeurt.

En zodra het misgaat, volgt het bekende ritueel.

“Dit had nooit mogen gebeuren.”

Nee, natuurlijk niet.

Maar als je jarenlang grenzen laat opschuiven, moet je niet verbaasd zijn wanneer iemand uiteindelijk denkt dat er helemaal geen grens meer staat.

De overheid neemt risico's met haar keuzes. De politie mag vervolgens niet het politieke vangnet worden voor besluiten die boven haar pet zijn genomen.

De wet is geen menukaart.

Je kunt er niet vandaag de ene regel afhalen omdat die politiek even beter uitkomt en morgen dezelfde regel weer aanwijzen omdat het ineens gevaarlijk is geworden.

Want dan krijg je precies wat we nu zien.

Eerst ruimte geven. Dan tolereren. Dan waarschuwen. Dan huilie huilie.

En uiteindelijk vragen waarom de politie niet eerder heeft ingegrepen.

Misschien moeten we daarom niet alleen naar de politie kijken.

Misschien moeten we eindelijk eens kijken naar degene die bepaalt waar de grens ligt.

Want een politieagent kan alleen handhaven binnen de grenzen die de politiek hem geeft.

En als die grens van rubber is gemaakt, moet je achteraf niet boos worden op degene die ermee moet werken.