Translate

zondag 29 maart 2026

De politie als wachtkamer: Hoe de GGZ een Man in Nood liet vallen

Mooi dat de GGZ op een gegeven moment voorbeelden vraagt aan de politie om samen te kunnen brainstormen wat er beter zou kunnen gaan in de samenwerking, de tijdsduur etc. Als wijkagent draai ik dan volledig de Noodhulp en doe tussen de soep en de aardappelen mijn wijkwerk, als achter geschoven kindje. Terwijl ik volledig ermee belast blijf 24/7/365. Vaak word ik door ziekte van collega's thuis gebeld of ik interesse heb om alweer een vroege dienst te draaien. IK zeg zelden nee, dus weten ze mij altijd te vinden omdat mijn diensttelefoon nooit out of order is.


Mbt GGZ dan; Ik word door een collega benaderd en gevraagd om mee te brainstormen en of ik voorbeelden heb. Ik heb heel veel voorbeelden. Helaas nooit positief voor de samenwerking met de GGZ. Het schijnt dat de GGZ muurvast zit in protocollen uit de tijd van de Dode Zeerollen tussen de 4e eeuw voor Christus en de 2e eeuw na. Spreekwoordelijk kan ik er een boek over schrijven zoveel misstanden en niet begrepen werkwijzen voor de verwarde personen in spe. GGZ is niet altijd blij met mij als ik weer eens iemand kom afleveren en doorvraag en de krapte in het openbare domein als ik weer eens uren moet wachten op aanpak en beslissing. Soms levert dit klachten op met scheve gezichten. Ik ben dan mijn frustratie kwijt maar in de GGZ protocollen verander ik nagenoeg niets. Maar ik kan de klachten altijd goed uitleggen aan mijn chefs en krijg nooit een reprimande.


Verwarde personen en voetbalsupporters beiden nagenoeg identiek in het heetste v an de battle en steeds weer een flinke opgave voor politie en de burgerij heeft er niets aan, behalve dan dat zij minder politionele aandacht krijgen toegeschoven dan eigenlijk zou moeten.


EN mede daardoor ontstaat regelmatig een zelfredzaamheid die de politie nog meer werk oplevert in strafrechtelijk verkeer bij botsingen en ongewilde slagkracht achter de voordeur tot in het publieke domein. Alsof ze het ruiken dat de politie steeds vaker overbelast is en nee moet verkopen ...



De GGZ gaf niet thuis, dus gaven wij hem handboeien (Ruw en confronterend)

2.500 wanhopige telefoontjes: Hoe een man in crisis tussen wal en schip viel(Nadruk op het drama)

Hulpverlening op kantooruren: Als de politie de psychiatrische zorg moet overnemen (Maatschappijkritisch)


Het is een frustrerend patroon: de politie wordt gestuurd naar een adres waar iemand 'door het lint' gaat. Ter plaatse tref je geen crimineel, maar een mens in diepe psychische nood. Wat volgt is een dagenlange strijd tegen de bureaucratie van de hulpverlening, met een burger als slachtoffer.

Dinsdag 12 februari: De 'dierlijke schreeuw'
Het begint met een melding van geluidsoverlast. Eenmaal ter plaatse horen we het zelf: een langgerekte, dierlijke schreeuw die door merg en been gaat. Dit is geen ruzie; dit is pure angst.
Patrick doet de deur open. Hij is wild, kletsnat van het zweet en praat wartaal over legerhelikopters. Hij ziet het niet meer zitten. De diagnose voor ons is simpel: deze man verkeert in psychische nood en heeft nú hulp nodig.


De reactie van de GGZ?


De crisisdienst weigert te komen. Na bijna twee uur wachten belt een psychiater. Hij spreekt Patrick nog geen vijf minuten aan de telefoon en trekt de verbijsterende conclusie: "Patrick heeft geen duidelijke hulpvraag. Als hij die wel heeft, moet hij zich maar tijdens kantooruren melden."
Wij blijven achter met een man die dreigt zichzelf in brand te steken. Onze mogelijkheden zijn uitgeput. Met pijn in ons hart laten we Patrick achter in zijn misère.

Zaterdag 16 februari: 2.500 wanhopige pogingen
Vier dagen later staan we er weer. De situatie is alleen maar verslechterd. Patrick heeft in zijn wanhoop meer dan 2.500 keer gemaild en gebeld naar de hulpverlening. De reactie van diezelfde hulpverlening? Een aanzegging voor stalking.


Het is de omgekeerde wereld. De man schreeuwt om hulp, en de instantie die hem moet helpen, dient een klacht in. Patrick springt bijna uit zijn vel van onrecht. De politie is in dit specialistische geval geen partij, maar de GGZ geeft niet thuis.

Zondag 17 februari: De onvermijdelijke klap
Op zondag escaleert het definitief. De crisisdienst is er eindelijk, maar hun aanwezigheid is van korte duur. Wanneer Patrick uit wanhoop met koffie gooit, blaast de voorwacht van de GGZ direct de aftocht.
Pas als de psychiater ter plaatse komt en Patrick opnieuw een verbale eruptie krijgt – schuddend van emotie en badend in het zweet – valt het besluit: een gedwongen opname (IBS).

De pijnlijke conclusie
Dagenlang hebben wij en de buurtbewoners – die feitelijk als onbetaalde hulpverleners fungeerden – geprobeerd de situatie veilig te houden. Patrick wilde niet vechten; hij wilde gehoord worden. Uiteindelijk hebben wij hem geboeid naar de gesloten afdeling gebracht.


Het had de ambulancedienst moeten zijn, maar het werd de politie. Het had preventie moeten zijn, maar het werd een gedwongen opname. Dit is wat er gebeurt als de zorg de deur dichtdoet: de politie wordt de laatste strohalm, maar we staan met lege handen.

Dit incident uit 2013 staat helaas niet op zichzelf. Nog te vaak wordt de politie ingezet als 'vliegende keep' voor situaties waar eigenlijk een witte jas aan te pas moet komen.


PS: Patrick is verbaal en lichamelijk heel gespannen en komt agressief over maar hij heeft nooit geweld gebruikt tegenover ons als politie. Hij geeft alleen maar overlast.




Epiloog:
Het geschetste scenario illustreert een aanhoudende problematiek waarbij de politie fungeert als 'vliegende keep' voor de GGZ, wat leidt tot een onhoudbare inzet van agenten en een gebrek aan passende zorg voor kwetsbare personen in psychische nood. De praktijk toont aan dat strikte protocollen en trage reacties van de crisiszorg de veiligheid in de wijk onder druk zetten en agenten dwingen tot ingrijpen in situaties die een zorgbehoefte vereisen.