Translate

zondag 1 mei 2016

Reanimatie

De ochtenddienst incidentenafhandeling op de rustige zondagochtend heb ik samen met collega wijkagent Peter. Verder schuift student Roger aan die in het kader van zijn politie opleiding praktijkervaring moet opdoen. Tegenwoordig zijn alle incidenten afhandelingsdiensten druk, apart of gewoonweg verbijsterend van aard. Vooral als we als hulpverleners mogen/moeten aantreden.

We zijn koud in gemeld bij de OC (meldkamer) of we krijgen een prioriteit 1 melding in de buurt. Er heeft een persoon in nood diverse keren ingebeld via 112 waarna de lijn op onverklaarbare wijze verbroken wordt. Deze persoon is kennelijk in hevige nood. Onmiddellijk optreden en hulpverlening is zeer gewenst. De ambulance is al onderweg, zo geeft onze OC aan ons door.

We rijden met gepaste snelheid naar de opgegeven woning, een flatgebouw. Op het bewuste huisadres wordt na herhaald aanbellen niet gereageerd. We komen dus niet meteen binnen in de gemeenschappelijke toegangsruimte. Na even rond-gerinkeld  te hebben op de omliggende adressen wordt de gemeenschappelijke voordeur met een mechanische ja-klik geopend. Op het bewuste huisnummer doet niemand open. Op de voordeur prijkt een opvallend rode sticker m.b.t. zuurstof patiënt COPD o.i.d. Navraag bij omwonenden resulteert niet in de noodzakelijke info. De meldkamer zegt dat het bewuste huisnummer het juiste is. Verder uitstel is geen optie. Dus moet de deur eruit.

Roger neemt het voortouw en trapt met drie gerichte trappen de halve deur en het slot eruit. Paf bam en de deur bezwijkt onder zijn beenkracht. We kijken binnen de woning. Inderdaad deze staat leeg. We overleggen met OC terwijl deze op de achtergrond al druk doende is om de persoon die gebeld heeft te traceren via de zendmasten en de politieregisters. We krijgen van de OC super snel de operationele info dat ook zijn nieuwe adres vlakbij is.

Snelheid en actief handelen is nog steeds geboden. We racen naar de nieuwe locatie. Ook hier doet niemand open. De rolluiken zijn omlaag en de gordijnen gesloten. Ik loop achterom en daar staat een slaapkamerraam op de kiepstand. Dit is volgens onze interne alarmbellen de place to be. Ik duw de raam naar achteren, krak krak krak. Helaas blijft ie hangen in zijn metalen hengsels. Roger met zijn boomlange lijf plaatst een breekijzer ertussen en met een krachtige wrik- hevelbeweging knalt de ruit eruit. Peter en Roger klimmen snel naar binnen want er is iemand in doodsnood. Zij openen de voordeur waarna de ambulance collega’s en ook ik, naar binnen kunnen.

In zijn slaapkamer ligt de bewoner op de vloer naast zijn bed. De telefoon ligt op het nachtkastje. Terwijl de ambu collega’s beginnen met de reanimatie zorgen wij voor voldoende licht en verschuiven het bed om meer werkruimte te creëren. Ik ben al heel blij dat de ambu collega’s de reanimatie starten. Voor ons is dat altijd moeilijk om de simpele reden dat wij niet vaak genoeg reanimeren, behoudens de IBT herhalingslessen. De ambu heeft ook super apparatuur en de juiste know-how hiervoor. De slaapkamer lijkt in no-time omgetoverd te zijn in medisch centrum west in het klein. Met zuurstof-, uitlees- en automatisch reanimatie apparatuur wordt de slaapkamerruimte al snel heel erg klein.

Dan arriveert volgens protocol de tweede ambulance. De reanimatie apparatuur doet krachtig zijn werk op de borst van de persoon. Even later na de vastgestelde positieve reanimatie effecten wordt de persoon op een brancard getild en voor transport naar het ziekenhuis in de ambulance geschoven. Er wordt van de patiënt die nog steeds buiten bewustzijn is, van alles opgemeten en geregistreerd.

Er is dan al een hele tijd vergaan vanaf het tijdstip van melding tot het forceren van een deur en een raam op twee verschillende locaties en het starten van de daadwerkelijke reanimatie.

De persoon –zo laat de apparatuur zien- heeft weer een hartslag, de reanimatie is dus gelukt. Nazorg wordt verleend in het ziekenhuis door de zorgprofessionals. Dan verlaat de ambu-crew deze locatie en gaan wij verder met het zoeken naar familiegegevens om hen te kunnen waarschuwen.

Ook laten wij via OC de woningvereniging inschakelen in de twee verschillende woningen voor de flinke breekschade om deze zo goed als het kan voor dit moment provisorisch te herstellen in verband met dichting, afsluiting en zaakwaarneming. Dit zijn wij verplicht en doen dit als onderdeel van ons werk dan ook graag.

We telefoneren een boel, en komen gelukkig achter de nodige familie gegevens die door andere collega’s in de regio op de hoogte worden gesteld. Ik zelf bedien de sociale media en ben blij met de vele positieve reacties die ons politiewerk in collegiaal verband met de ambulance collega’s ten deel is gevallen.

We praten nog even na op het bureau met onze collega’s tot de volgende melding zich aandient waarna wij weer overgaan tot de orde van de dag. Ergens in de buurt is ingebroken en de ruiten zijn vernield. Voor de zaakwaarneming nemen wij deze melding mee. Het weer is weerbarstig van wind, regen, hagel tot sneeuw afgewisseld met een zonnestraaltje. Veel mensen op de fiets zij als het ware overvallen door het humeurige weer en worden nat en verkleumd. De gure wind föhnt hen droog, terwijl zij hun route voortzetten met bedenkelijke stormachtige gezichten. Zij hebben gelukkig alleen maar last van het weer.

Na de dienst praten we nog even met Roger over zijn aanpak en betrokkenheid. Peter en ik hebben geen seconde het idee gehad dat Roger een politiestudent is. Hij heeft zich volwaardig aan zijn taak gekweten. Hij mag vaker met ons op dienst want hij is uit het goede politiehout gesneden.

Over het wel en wee van het slachtoffer doen wij geen uitspraken vanwege de privacy. Weet echter dat het leven soms aan een zijden draadje hangt. Als je geluk hebt aan een dun sterk blauw draadje, “the thin blue line”.


Mooi dat we hebben kunnen helpen.

vrijdag 15 april 2016

Net uit de gevangenis

Net uit het gevang, niets bijgeleerd en ook nog verzet plegen tegen politie die noodgedwongen de nekklem toepast,

Op een mooie doordeweekse middag in hartje zomer rij ik met een nieuwe collega door ons bewakingsgebied en op dat moment rustig en relaxed in de periferie van het stadcentrum. Ik laat hem de vele attracties in woord, beeldspraak, locaties, personages en dorpsfiguren, zien.

Bovendien is het lekker terrasweer weer. We dragen nog het oude politie-uniform, de portierraampjes van de dienstauto staan geopend.

We hebben geen duidelijk plan alleen maar het gebied exploreren en een ongecompliceerd dienstuurtje kloppen. Dat maak ik niet vaak mee. Mocht de nood aan de man of vrouw komen dan zullen we helpen waar we kunnen. Door onze betrokkenheid moeten we even later behoorlijk aan de bak.

We draaien bij de verkeerslichten het stadscentrum in en om de hoek komen op de stoep diverse mensen in onze richting gelopen. Ik krijg een vreemd gevoel want hier klopt iets niet. De mensen kijken alsof ze nog nooit een politieauto gezien hebben, totally flabbergasted, zo lijkt het te zijn. Ze wenken ons. Ik draai naar een van hen toe. Ze zijn zojuist gepasseerd door een drugs-dronken klerenkast figuur. Die heeft staan schreeuwen, dreigen en lamenteren. Wie weet wat hij nog meer heeft uitgevreten of nog uit vreten zal wanneer hem geen halt toegeroepen wordt. Zulk werk moet de politie opknappen. Nu we er toch zijn. we zetten ons beste beentje voor.

De mensen zijn geschrokken en geïntimideerd geraakt door deze woeste wilde bol. Ik vraag hen of ze gewond zijn –gelukkig niet- en waar dit markante figuur naar toe is gelopen.

Hij is de hoek omgelopen hoor ik hen zeggen, op dezelfde plaats waar wij zojuist indraaiden met onze squad-car. Hij kan niet ver weg zijn. Ik beloof de geschrokken mensen om meteen een onderzoek in te stellen om erger te voorkomen. Wij houden woord. Ik draai de hoek weer terug om en rij naar een gebouw met een groot donker portiek.

Dit portiek geeft toegang tot meerdere louche armetierige appartementen. De locatie is een hotspot voor politie. Ik ben er al vaak geweest om de rust en orde terug te brengen in dit afvoerputje van de maatschappij. Ook nu weer. Want mijn collega en ik zien een figuur model kleerkast die volledig voldoet aan het opgegeven signalement, in dit portiek staan.

We weten niets van hem en hebben de meldkamer nog niet geïnformeerd. Nonchalant ogend maar tot in onze tenen gespannen op wat eventueel op ons pad zou kunnen komen, stappen we meteen uit en lopen naar hem toe. We hebben nog geen plan van optreden gemaakt, behoudens uiterste voorzichtigheid te betrachten.

De kleerkast wenst geen politievragen te beantwoorden. Hij zweet als een otter, kijkt wild uit zijn rode ooghoeken en lijkt totaal ontoerekeningsvatbaar en agressief. Een storm in een glas water of een broeiende vulkaan zal even later blijken. We kennen hem niet en hij weigert ons zijn naam of adres op te geven. Niets met deze explosieve situatie en dit personage doen, is vragen om verdere problemen in het publieke domein. Dus politioneel optreden is snel geboden.

Plots loopt de persoon weg van ons, dus niet. We volgen hem op de voet. Later zal blijken waarom hij probeert om bij ons weg te komen.

In de volksmond zou je hem als dronken kunnen betitelen. Echter er zit meer in het vat, wellicht een explosieve mix van drugs drank en wat nog meer. Zijn lichaamssappen zullen na het verlaten van zijn lichaam ongetwijfeld groen gras laten verdorren als oorlogs napalm.

Hij is niet voor rede vatbaar. Dan kom ik bedeesd in actie. Ik pak hem bij zijn rechter onderarm beet. Zijn bovenarm is te dik en gespierd. Hij begint te trekken in een tegenovergestelde richting op een erg agressieve wijze, helaas maar het is nu eenmaal zo. Hij begint de dans maar ontspringt hem natuurlijk niet als het aan ons ligt. Ik verander mijn houding en positie ten opzichte van hem. Ik trek hem naar voren in mijn richting uit balans van zijn eigen voetstuk af. Het lukt wonderbaarlijk snel en simpel.

De wet van Newton leert ons dat een lichaam in beweging wil blijven bewegen. Ik maak gebruik van deze wetenschap en tordeer zijn bovenlichaam als een opgerolde wokkel. Waarbij ik met mijn rechterarm zijn rechterarm in bedwang houdt en mijn linkerarm om zijn nek plaats. Een innige verstikkende judodans zou je deze actie kunnen noemen.

Dan breng ik hem verder in onbalans achterwaarts en ga met hem gecontroleerd naar de grond. Ik zie dat hij omvalt en daarbij op zijn vrije arm steunt. Ik zit in een comfortabele positie en dwing hem steeds verder naar achteren in een voor hem ongemakkelijke zitpositie. Hij kan geen kant meer op. Kat in het bakkie! Zijn verzet wil hij nog steeds niet staken. Ik pas steeds meer gedoseerde druk toe, gedecideerd en gecontroleerd. Hij wordt rustig zijn weerstand ebt weg, idem als de lucht uit een lekke fietsenband. Hij wordt vervolgens weerloos en slap als was in mijn handen, in een roes komt hij te verkeren, nagenoeg buiten bewustzijn. Ik laat hem terug bij kennis komen en pareer tegelijkertijd een hatelijke woordenstroom van een uitbaatster van een nabij gelegen winkel.

Ik leg haar niets uit. Ik zeg alleen tegen haar van; bemoei je er niet mee en verdwijn. Ik wil geen passanten erbij hebben. Mijn collega en ik hebben namelijk het overzicht en treden resoluut op. Voor je het weet heb je mensen met camera’s en amigo’s van de kleerkast erbij. Dat kunnen we niet hebben op deze hotspot. Hij wordt snel geboeid en in de politieauto gezet.

Overwonnen als hij is en bijkomende uit zijn roes geeft de kleerkast even later in de politieauto zijn naam en zo op. waarom niet meteen zo! We verifiëren bij de meldkamer of hij iets op zijn kerfstok heeft staan. Dat moet haast wel zo memoreert ons politiebloed met ons mee.

Na heen en weer gebeld te hebben blijkt dat hij net uit de gevangenis is gekomen! En hij moet resoluut terug want hij is niet teruggekeerd na verleend verlof. Hij staat bekend als geweldpleger en wegens geweld buiten en binnen de gevangenis is hij veroordeeld. Bovendien heeft hij zich zijn positie binnen de gevangenis met woord en daad verworven. Een Ontouchable binnen het gevang. Maar niet vandaag en niet nu in het publieke domein. No way!

Er is op dit moment niets op tegen om hem terug te brengen op verzoek van de bewaarders die de politie al hebben geïnformeerd. Deze info weten wij op dat moment nog niet. Er zijn geen aangiften tegen hem bekend. Alleen het robbertje vechten met de politie staat nu vers op zijn palmares. Maar och, als hij terug in het gevang is dan is de maatschappij en het publieke domein weer een stukje veiliger gemaakt. Dus zo gezegd en zo gedaan.

Bij de gevangenis worden we opgewacht door 6 bewaarders. De bewaarders delen ons nog mede dat hij geen gemakkelijk personage is om zonder handschoenen en super voorzichtig te bejegenen. Tja, dat nemen we graag aan. Hij is in de boeien en de bewaarders vragen of wij willen meelopen naar de isoleercellen. Geen probleem. In de cel maak ik zijn boeien los en even later nemen we afscheid en vertrekken.

Het uurtje gebied verkennen buiten, heeft iets langer geduurd door het oponthoud en confrontatie met deze penitentiaire gast.

Ik had het nog over de inwendige gebruikers-mix van de kleerkast. Blijkt dat hij drank heeft gekocht en in de coffee shop in de buurt alles naar binnen heeft gerookt en gezopen wat in zijn onmiddellijk bereik is geweest. Dan slaan inderdaad alle stoppen door bij dit vernietigingscommando, verstopt in een en dezelfde persoon.

Onze actie op straat heeft slechts zeer kort geduurd. Alles is ons gelukt zonder kleerscheuren op te lopen. Weet echter dat het bestrijden van onrecht en de maatschappij veiliger maken niet altijd van een leien dakje gaat.

Doorzettingsvermogen en de betrokkenheid om de maatschappij veiliger te maken zijn onmisbare ingrediënten in dit geheel. Oh ja ook nog een portie geluk mag zeer zeker niet vergeten worden.

Ik ben nooit meer te weten gekomen of de melders die plots een politiekoppel gezien hebben en de melding doorgegeven hebben, achteraf te weten zijn gekomen of hun melding succes heeft opgeleverd. Maar de maatschappij is bijna onopgemerkt weer een beetje veiliger gemaakt.











maandag 28 maart 2016

Inbraak op heterdaad

Het is in de tijd dat ik nog nachtdiensten draai -in mijn oude kloffie- op een midsummer nacht. Buiten is het stil, het is laat of eigenlijk is het heel erg vroeg net nog voor de ochtend gloren. De meeste normale mensen doen hun ding, d.w.z. ze liggen onder de wol en slapen of proberen hele dikke boomstammen door te zagen met een enorme ronkende kracht.  

We zijn met een paar patrouilles onderweg deze nacht. Het is buiten te mooi om binnen te blijven zitten. De bureaucratie in deze tijden is nog goed uit te houden. Op dat punt liggen de huidige perikelen rondom de nationale politie nog in het verschiet. Een idee-fixe. Ik bedoel hiermee niet het hondje van Obelix, Idefix genaamd! Destijds wordt er een idee geopperd om provinciale politie in te voeren. De reorganisatie van 1993 heeft dan al vele haken en ogen en loopt niet gesmeerd. Het is een voorbode met vele politieke bijlagen en ombuigingen. De politieregio's zijn dan nog nagenoeg autonoom in doen en handelen.

Ik kan me op deze lang geleden nachtdienst niet veel andere zaken meer herinneren. Wellicht zitten die nog in mijn grijze hersenmassa verscholen, wie zal het zeggen. Ik kan me nog de drie collega’s herinneren met wie ik de nachtdienst heb gedraaid. Een is al lang geleden oneervol ontslagen. Een integriteitsvraagstuk, dat opgedoemd is tijdens een lopend onderzoek, helaas. Ook dat komt voor. Dan wordt diep in eigen vlees gesneden. Dit terzijde.

We krijgen een melding van een heterdaad inbraak. De meldkamer stuurt ons aan naar een woning in het centrum, een groot herenhuis dat spic en span is opgeknapt en in oude luister is hersteld. Zoals zo vaak kunnen we het huisnummer niet traceren. Zouden mensen daarop bezuinigen? Lastig voor de hulpverlening als elke seconde telt en de politie op heterdaad boeven wil vangen of mensen wil helpen.

In de directe omgeving stappen wij broeders en zusters van de familie Blue –nachtdienstploeg- snel uit onze stalen bolides. We rennen naar de opgegeven locatie. Ik ren niet vooraan mee, maar in de middenmoot waar het uit- en overzicht beter is. Deze straat, eigenlijk meer een steeg heeft een aantal appartementen in een groot herenhuis gehuisvest. Diverse collega’s rennen langs een raam van dit appartementencomplex met de maglites met een felle witte verspreidende gloed in de aanslag. Ik ren ook langs maar dan zie ik plots uit een van mijn ooghoeken een gevoelsmatige oneffenheid of schim opdagen, waarna mijn alarmbelletjes hard beginnen te rinkelen. Ik kijk om en zie in een hoofdbeweging dat er een groot gat in de ruit zit. Versere schade is onmogelijk want buiten liggen diverse glassplinters als op een maagdelijke witte deken uitgestald. In een van mijn knuisten heb ik mijn ijzeren maatje de Maglite-lamp vast.

Ik rem mijn lichaam af en slip met mijn schoenzolen mee in the slipstream van losliggende kiezels van de oprit naar dit amechtige herenhuis. Ik behoud mijn evenwicht en slip lekker mee met de rollende kiezelsteentjes. In dezelfde beweging houd ik in mijn schiethand de Maglite-lamp vast die ik dan pas subiet inschakel. Ik dacht al een figuur te ontwaren echter het is meer dan een gevoelsmatige spookachtige schaduw. 

De stralenbundel verraadt een woonkamer met meubels een lage kast en een televisie. Als aan de grond genageld kijkt iemand recht in de loop – ik bedoel hiermee de geconcentreerde stralenbundel- van mijn Maglite. Die verblindend licht als een mitrailleur onophoudelijk blijft afvuren op alles in de woonkamer, op vaste objecten. Een menselijk object -Tussaud zelf- staat daar als aan de grond genageld met de geroofde spullen nog in zijn handen die hij pardoes laat vallen. 

Betrapt is hij op heterdaad voor de volle 100%. Zijn ogen zijn verblind door toedoen van mijn heetgebakerde Maglite. Zijn lichaam wil niet meer vluchten. Zijn verzet is gebroken. Je bent erbij, kip ik heb je en meer van dergelijke superlatieven bedenk ik mij in een ijltempo. Het raam staat half geopend. Ik moet snel binnenklimmen om bij de inbreker te komen. Uiteraard roep ik op mijn collega's die abrupt afremmen en mijn kant opgerend komen.

De woning is op de begane grond en is overzichtelijk en gelijkvloers. De instap doe ik heel snel en sportief van lijf en leden. Ik duw de geforceerde ruit verder open en klim naar binnen. in a split of a second ben ik bij de inbreker en pak hem snel vast, overmeester hem en deel hem mede dat hij is aangehouden door de politie. Dan blijkt ons dat de verdachte alleen is. Een kleine tunnelvisie heeft zich dan al bij mij opgedrongen maar is mij nog net niet de baas. Ik blijf koel en berekenend.

Ik sla hem in de boeien zonder tegenspartelen van de verdachte. Dan schijnen mijn collega’s een lichtje bij. Overal ligt bloed in de woonkamer. De inbreker heeft bij het inslaan van de ruit zijn handen beschadigd en bloedt als een rund.

Ik draag op dat moment geen handschoenen of andere bescherming die overdraagbare ziektes eventueel een halt kunnen toeroepen.  Mijn collega’s waarschuwen mij voor het bloed. Ik heb hem dan al geboeid. Ik kijk en zie dat ook mijn handen onder het bloed zitten. De ziekte HIV maakt op dat moment een ware funeste rage door. Later aan het bureau was ik snel mijn handen en ontsmet mijn grijs-grauwe met een rode bloedtint doordrenkte handboeien. Waarom heb ik dat niet in de woning gedaan waar ingebroken is! Jeetje, stom hé. Maar dat is achteraf ge.ul.

De inbreker is een junk die ik, maar ook mijn collega’s, al vaak betrapt hebben. Je zou hem een draaideurcrimineel kunnen noemen. In de woning is niemand aanwezig. Dat heeft de inbreker bij zijn kraak kennelijk ook geroken.

Zo goed als mogelijk dichten we de kapot gegane raam i.v.m. zaakwaarneming. De inbreker wordt voorgeleid en is afgestraft op een wijze die in Nederland alledaags is. Of de inbreker is voorgeleid bij de rechter of in het voortraject met een taakstraf is tegemoetgekomen, dat weet ik allang niet meer. 

Dat maakt mij ook niets uit. Mijn collega's en ik hebben de straten en het publieke domein weer een stukje veiliger gemaakt. Niet dat iemand iets gemerkt heeft van dit prima politie optreden want iedereen ligt nog steeds te slapen of zo.

Mijn collega's en ik brengen de bureaucratie in overeenstemming met strafvordering nog een flinke typ-slag toe.


vrijdag 4 maart 2016

Hennep sores

De politie investeert veel van haar menskracht aan de bestrijding van hennepteelt in de woonhuizen in ons land. Waarom? Vanwege brandgevaar en illegale aftakkingen in de meterkast die dit sluimerende gevaar intensief met zich mee dragen. De uitwassen van de softdrugs intrigeren de steden en buurten als een knellende schemering waarin het normale fatsoen steeds verder het onderspit schijnt te delven. Het rechtssysteem wordt ondermijnd.

Als wijkagent in mijn wijken krijg ik geregeld meldingen van vermeende hennepteelt, louche figuren en donkere sinistere affaires. Bekend is dat veel mensen met torenhoge schulden ontvankelijk zijn voor de mooie praatjes van criminelen die wel een hennepzaakje willen opzetten onder het dak van de labiele schuldenaar in spe. Het kost niets meer dan de eerste opbrengsten die ruim naar boven worden afgeroomd volgens de criminele installateurs en boosdoeners.

Mochten de mensen in de hennepwoningen gepakt worden dan is het bedrijfsrisico geheel aan hen toe te rekenen. DE ZZP uit het hennep milieu werkt namelijk zwart, schimmig, brutaal en zonder btw. Garanties tot om de hoek in schril contrast tot de eerdere zonnige financiële praatjes over de risicoloze mega opbrengsten.

Helaas groeit de hennep thuisteelt nog steeds. Kennelijk verkeert Nederland in zwaar weer want ondanks de gevaren en de risico’s gaan veel mensen toch overstag en geven toestemming tot het inrichten van een tomatenplantenkwekerij met smerige geuren en kleuren. Veelal in huurwoningen.

Ik heb in mijn praktijk al woningen volledig in de brand zien opgaan door manipulatie van de elektriciteit, aangelegd door de veronderstelde criminele vakmensen.

Bij ontdekking van hennep worden de huurders zonder pardon uit hun woning gezet onder het zwaard van het Damocles beleid, dat aan gemeenten deze uithuiszetting toestaat. Eigendomswoningen kunnen en worden gesloten op last van de gemeenten daar waar de hennepteelt plaatsvindt.

Diffuus, dit snoeiharde wettelijk middel in tegenstelling tot de softdrugs aanpak en gedoogbeleid waarin alles kan en mag behalve dan de teelt van hennep. Buitenlands clientèle vaart hier wel bij en komen in grote getalen de porties in Nederland in de coffeeshops scoren. De openbare orde raakt steeds meer in het gedrang. Een reële oplossingsgezindheid lijkt ver af.

De politie heeft het er maar druk mee. Hennepteelt op zich is strafbaar en de politie heeft in haar beleid uitgangspunten toegezegd de hennepteelt te bestrijden. Alsof men water naar de zee draagt!

Door misdaad anoniem meldingen regent het steevast meldingen van verdachte panden, situaties, reuk, en mensen die met de handel lijken te wandelen. Er zijn opsporingsregels tot aanpak afgesproken met de Gemeenten, energie leveranciers, het O.M, de belastingdienst, woningverenigingen en de Sociale dienst.

Wie betrapt wordt kan op de blaren gaan zitten, na berechting. De onderwereldfiguren blijven buiten schot, uiteraard.

De politie blijft veel energie spenderen aan deze aanpak. Legaliseren van bepaalde vormen van teelt heeft de tweede kamer der staten generaal nog niet gepasseerd vanwege de politieke weerstand. Er zijn landen om ons heen die stilaan ombuigen en de wietteelt wettelijk (gaan) reguleren. Dit is en blijft een lange moeizame weg met veel te veel juridische valkuilen.

Ik zei het al, als wijkagent krijg ik regelmatig berichten van teelt of hiermee verband houdende kwesties en schemerdonkere activiteiten.

Dan wordt er gerechercheerd in samenspraak met de netwerkpartners die allen hun deel van de inzet bijdragen. Echter, weet dat niet alle zaken opgepakt kunnen worden. Daar zijn het er teveel voor. Ook deze hennep workload moet geagendeerd en gepland worden. Soms kunnen meldingen niet aangepakt worden. Om de doodeenvoudige reden dat de informatie niet genoeg veredeld is of kan worden. 

Als meldingen steeds blijven komen en er geen verdachtmakingen zijn dan treed ik als wijkagent op en bezoek de betreffende panden en praat met de bewoners, op een faire open manier.

Ik vertel hen het doel van mijn komst mede en vraag om medewerking aan de betreffende bewoner om de situatie in en rondom de woning te mogen aanschouwen. Mijn doel is om de situatie en de eventuele verdachtmaking helder te krijgen. Als de bewoner akkoord gaat dan tekent hij of zij een formulier voor doorzoeking, een gebruikelijk formulier. Ik doorloop vervolgens alle ruimten binnen en buiten de woning ter vaststelling van hennepteelt of ter overtuiging dat er niets onoorbaars is.

Zo ook jongstleden bij een reeks van misdaad anoniem meldingen van een hennep plantage op een bepaald huuradres, waar geen officiële verdachtmaking gevonden is, na gedegen onderzoek.

Collega Nicky en ik bellen aan de voordeurbel. De bewoner deel ik mede waarvoor we komen en wat het beoogde doel is; het onderzoeken en de huidige situatie vaststellen. De bewoner laat ons toe in zijn woning. Nicky laat het doorzoekingsformulier tekenen. Ik ga opzettelijk niet alleen naar een dergelijke melding i.v.m. mogelijke gevaar zetting of onvoorziene opdoemende zaken. Mocht ik een hennepplantage aantreffen dan krijg ik back-up van de team-jongens verdovende middelen.

Op deze manier kan ik werken zonder de specifieke expertise van het Vedomi team. Ik ga geen onbewoond pand binnen. Ik ken een paar inn’s and out’s. De vereiste expertise heb ik niet in huis.

Aldus bekijken Nicky en ik deze armoedige woning. In principe een woning met minieme geldelijke middelen. De woning lijkt op het huishouden van Jan Steen, de schilder van weleer. Veel waardeloze spullen liggen alom verspreid, ongestructureerd en chaotisch. 

In de woning treffen Nicky en ik niets van onze (hennep) gading aan, gelukkig. We praten met de bewoner. Schuldhulpverlening ligt op de loer. Energiebedrijven hebben de stekker uit het stopcontact gehaald. Geen stroom, geen warmte wel een overvloed aan kou en kilte. Jeetje.

Ik vraag aan de bewoner waarom mensen uit de buurt zouden kunnen veronderstellen dat er een hennepplantage op dit adres zou zijn. De bewoner laat mij de schuur zien. In de schuur staat een benzine aggregaat. S ’avonds laat wordt dit aggregaat aangezet om ietwat warmte te kunnen opwekken en om een wasje te kunnen draaien. Het aggregaat zal wel ietwat herrie veroorzaken. Dit is voor de buurt het sein van actuele criminele activiteiten.

Normaal kijken wij in de meterkast op een aftakking. Nu niet. De stroom is van rechtswege afgeknepen, tot op het bot. Ik vraag wat de benzine kost voor het aggregaat. Bijna net zoveel als de normale stroomrekening bij de energie maatschappij. Bizar maar waar.

Nicky en ik praten nog na met de bewoner. Deze is trots aan de buitenkant voor zover ik kan zien. Innerlijk denk ik eerder van niet. Misschien wordt door zijn kopzorgen, menselijke warmte gegenereerd. Niet dus.

Gezondheid en nutsvoorzieningen mis je pas als je er niet meer over beschikt!

De eventuele volgende misdaad anoniem melding op dit adres kan ik niet pareren. Noch kan ik de buurt vertellen wat mijn bevindingen zijn. Tot het tijdstip dat de nutsvoorzieningen weer zijn aangesloten. Ik hoop op de snelle aantocht van de zomerse temperaturen.

De bewoner is achteraf blij gesproken te hebben met zijn wijkagent. Hij heeft mijn naam en zal mij benaderen indien nodig. Ik ben blij dat de winter op zijn retour is. De bewoner moet nu goede keuzes gaan maken in zijn leven. Voor hij het weet is ook nog zijn woning weg wegens wanbetaling.

dinsdag 1 maart 2016

Het voorportaal en bad boy

Onlangs op tv gekeken naar een politie thriller.  Het verhaal en de intriges beginnen heel klein maar lopen uit op een woeste vulkaan onder de dop van een explosieve eruptie. Met de trillende duim net nog op de kratermond. Gesoigneerd met blitse live snapshots.

In het kort; in een woning ligt een vuurwapen in verjaardags-verpakking. De moeder - een oude bekende van de politieman -  komt dit voorval aan het bureau melden. Haar dochter is volledig ontspoord en de weg volledig bijster. Het huiselijke leven en -patroon heeft zij geheel naast zich neer gelegd vanwege, loverboy praktijken, drugs en valse verliefdheid.

Het vuurwapen moet gevonden worden want de vrees dat het vuurwapen illegaal gebruikt zal worden is sterk aanwezig. De politieman wordt overruled bij zijn voorstel voor een sobere aanpak in eerste aanleg. Er wordt een volledig Swat Team ingezet in een niveau verhogende spannende casus. De muziek scherpt de emoties en de angst melodieus aan tot grote tenen krommende hoogten. 

Maar ja, shit happens zo ook bij de politie, dus ook in deze casus, hier en nu. Bij het binnenstormen van de woning gaan er een aantal zaken mis. Dat had niemand bij de politie van tevoren kunnen inschatten of weten. Snel geschoten beeldfragmenten uit de losse pols, de vastgelegde menselijke maat, angst en haantjes gedrag pareren de situatie, die slecht uitpakt voor de geharnaste politie en vergroten de situatie buiten proportioneel.

Om de aflevering op te pimpen worden er een aantal ingrediënten op de set rondgestrooid waarvan iedereen smult en in het verhaal meegezogen wordt in een draaikolk van emoties en spanning. Het vuurwapen wordt – na zoeking - gevonden. De vader des huizes die ook nog invalide door een beenblessure is, beweegt zich voort met een loopstok. Hij wordt getaserd door iemand uit het Swat team omdat deze in het donker in het portaal, een slagwapen of een geweer vermoedt bij de invalide vader. Zwaar gewond wordt de vader comateus afgevoerd. De politieman wordt er door de meldster op aan gekeken dat er zoveel bruut geweld onnodig is gebruikt. Uiteindelijk komt alles toch nog goed (episode bad boys, DCI Banks)

Veiligheid staat voorop met inbegrip van de vooraf toetsing van de on-mogelijkheden, veilig snel werken en meester van de situatie blijven. 

Deze film inleiding brengt mij terug naar mijn eigen job en een voorval dat al lang geleden heeft plaatsgevonden. Ik heb dan dienst met collega Armand. We hebben al enkele weken meldingen vanaf een bepaalde locatie. Drugs zouden in het beeld zijn en ten slotte ook nog vuurwapen(s) in een woning. Deze hot info wordt anoniem aangedragen op een zodanige wijze dat er onmiddellijk politie actie vereist is.

De potentiële verdachte is ambtshalve bekend bij de politie met een zogenaamde waslijst aan antecedenten waar je u tegen zegt. Echter op het moment dat de anonieme vuurwapen informatie aangedragen wordt, is het rustig rondom het reilen en zeilen van deze persoon. 

Het straatbeeld en de gedragingen en de menselijke verplaatsingen zijn - net nu – als zeer rustig te betitelen. De straat is gelegen in een politie aandachtsgebied waar in het verleden geregeld meldingen gedaan zijn van criminele feiten door meerdere buurtbewoners daar. 

Armand en ik checken de politieregisters en de informatie. Gewapend met een machtiging tot binnentreden, bellen wij ‘s ochtends vroeg aan bij dit adres.

Er is dan nog niemand op straat in deze afbraak wijk. Vele omringende woningen zijn al afgebroken en deze woning weerstaat nog heel even de storm van asbest ontmanteling en geplande sloop. De omgeving oogt ietwat desolaat.  We hebben geen back-up aangevraagd wel collegiale bijstand op afstand, mocht het nodig zijn. Want je weet het maar nooit wat je te verwachten en te verduren krijgt. Bovendien in deze wijk zijn de bewoners meestal ’s ochtends thuis in diepe rust! Wat weer in ons voordeel werkt.

Na aanbellen komt de verdachte niets vermoedend aan de deur. Hij wordt in kennis gesteld van het feit wat wij als politie komen doen bij hem in zijn woning. We hoeven de machtiging niet te gebruiken. We vorderen de uitlevering van vuurwapens en/of munitie krachtens de Wet. De verdachte verleent ons toegang tot zijn woning. Als we in het gangpad staan komt onverwachts zijn hondenvriend uit de keuken. Een grote- en ontzettend gespierde pitbull. De pitbull kijkt ons aan alsof hij talloze politie bemoeienissen gewend is. Hij likt met zijn grote tong langs zijn ontzettende sterke hapklare bek. Alsof hij deze ochtend al een politieman in vol ornaat heeft verorberd.

Armand en ik zijn ietwat afgeleid door vriendje pitbull. De verdachte loopt intussen de woonkamer in om het vuurwapen te pakken om dit aan ons te overhandigen.

De pitbull loopt mee met zijn baas. In het kozijn naar de woonkamer is een kinder hoog hekwerk met scharnieren geplaatst dat achte de pitbull dichtslaat. Ik kan gemakkelijk over het hekwerk heen stappen. Echter direct achter het hekwerk staat de pitbull on his ground, op zijn territoir dat hij bewaakt of bewaken moet uit vroegere noodzaak, wellicht. De hond heeft plotsklaps geen vriendelijk gezicht meer maar is omgeturnd in een vechtmachine. We kunnen niet verder. De hond is niet te vertrouwen. Iedereen weet dat Pitbull-beten niet te versmaden zijn.

De verdachte loopt naar een kast in de woonkamer. We roepen naar hem als hij een graai maakt naar de bergplaats in de kast naar het veronderstelde vuurwapen. Voorzichtig vastpakken en geen onverwachte dingen doen is hier onze opdracht aan de verdachte. De verdachte begrijpt ons en handelt conform onze verdere aanwijzingen.

De pitbull interesseert het geen snars, hij heeft kennelijk wel zin in een robbertje vechten met de smerissen. Ik zie opeens dat hij mooie grote witte tanden - als van een haai - in zijn bek heeft staan, een rij dik, dat dan weer wel. Gelukkig staat het hekwerk tussen ons in. Ik heb de hand uit voorzorg op mijn pistool.

De verdachte komt naar ons toe en overhandigt voorzichtig het kennelijke vuurwapen. Het is deze keer geen echt vuurwapen maar wel degelijk geschikt voor be- of afdreiging. De pitbull blijft rustig, zeker omdat zijn baas erbij is.

De verdachte wordt geboeid klaar om afgevoerd te worden naar het politiebureau. We telefoneren naar een bekende of familielid om voor de hond te komen zorgen.

We transporteren de verdachte naar het bureau waar de recherche met hem aan de slag gaat over diverse feiten en het voorhanden hebben van een dreigend vuurwapen.

Achteraf had er van alles kunnen gebeuren door de aanwezigheid van deze pitbull. Het is allemaal niet gebeurd en zodoende kunnen we ongehavend verder gaan met ons reguliere politiewerk.

Het had evengoed heel anders kunnen uitpakken. 

Ook Armand en ik hadden dit niet kunnen voorzien noch anderen in het politievak. Geluk in combinatie met vakmanschap en ervaring is deze keer aan onze zijde geweest.

Deze week de 2 daagse IBT gehad in Kerkrade. Maak een plan met escapes, een plan a, een plan b en een noodplan. Ken de situatie vraag door en zorg dat alles helder is om op te treden. Zorg voor back-up indien nodig. Context gedreven politie optreden, sluit verassingen zoveel mogelijk uit en ga dan pas resoluut en voortvarend aan de slag. Eigen veiligheid en veilig werken staan voorop, vuurwapen zien is eigen vuurwapen trekken. Ik hoor het die grote beer van een IBT docent met zijn rossige baard nog steeds zeggen.

En weet je wat? Hij heeft voor 100% gelijk

zaterdag 13 februari 2016

Baby van 6 maanden, verlaten

Op Carnavals maandagochtend heb ik incidenten afhandeling samen met collega en meervoudig gelukkige opa Jan. Ons bewakingsgebied ligt in coma. De carnaval heeft flinke gaten geslagen in het uithoudingsvermogen van velen. Kortom de wereld in het zuiden ligt er desolaat en verlaten bij. De storm heeft het land flink bij de “neus” genomen. De gevreesde excessen zijn net niet uitgekomen. De vrees om wat er had kunnen gebeuren is er voor vele openbare bestuurders niet minder om.

Harde maatregelen zijn getroffen. Het buitenplezier is hard gekraakt door veronderstellingen die niet zijn uitgekomen. Maar wat als......

We hebben een paar wijkzaken bij ons, die we net voor de briefing nog kunnen afronden. Jan moet i.v.m. een buitenlandse boete een rechtshulpverzoek afhandelen. Ikzelf moet in mijn wijk aan de slag met een incident met een loslopende hond. Jan en ik maken op de bewuste locaties afspraken en spreken mensen aan op hun gedrag.

Dan maken we voor aanvang van de briefing nog een rondje door de wijken. Retour aan het bureau gekomen, krijgen we van de meldkamer een ietwat vreemde ongelofelijke melding waardoor we de aanstaande briefing noodgedwongen missen.

De meldkamer deelt ons mede dat er op een adres een baby van 6 maanden is afgegeven. De kennelijke moeder is met onbekende bestemming, en telefonisch onbereikbaar, met de noorderzon vertrokken, naar het schijnt. Dus wordt de politie ingeschakeld. Who else is available!!

Op het bewuste adres - gelukkig een warm nest - aangekomen zit de vrouw des huizes op de bank met een warme rode deken  op haar schoot. In deze deken zit het mooiste denkbare levende cadeautje verstopt. Een babymeisje van circa 6 maanden met een liefelijk gezicht en een aandoenlijke lach. De moeder heeft net voordat zij is vertrokken met de noorderzon bij een plaatselijke winkel nog wat spulletjes gekocht voor baby’s voeding en verzorging. De baby heeft net gegeten en blijft tevreden lachen met twinkelende onschuldige ogen. Ook naar Jan en mij. Een brede naslag in de politiesystemen geeft geen opheldering, uitkomst of andere lichtpunten in deze misère.

Jan noteert zoveel mogelijk zaken maar is al snel klaar. Een aantal zaken kunnen niet onderzocht worden om de doodeenvoudige reden van het ontbreken van de persoonsgegevens. Noch het kenteken van de auto waarin de moeder heeft gereden.

Ik verzoek de meldkamer om de crisisdienst voor de zorg in te schakelen voor opvang van de baby, mocht de moeder niet bekend worden. Dit is een absurde realiteit waarmee we rekening mee moeten houden.

De meldkamer slaagt er helaas op hun beurt niet in om de juiste instantie te bereiken en wil overleggen met de huisartsenpost. U kunt zich voorstellen dat er op dat moment al een flinke tijdstermijn verstreken is.

Even later meldt de meldkamer dat zij er toch in geslaagd is om de hulpverlening te bereiken. Op datzelfde moment of net iets eerder komt er een auto de oprit opgereden met als bestuurster de moeder. Zij is zichtbaar aangeslagen want zij heeft nog wat persoonlijke zaakjes moeten afhandelen? En het belang van haar kind dan! Nu komt zij haar baby ophalen. Iedereen in de woning inclusief Jan en ik zijn met stomheid geslagen.

Bij pubers kun je verwachten dat er niet wordt nagedacht over de consequenties van gedrag maar bij deze moeder die de puberleeftijd al geruime tijd achter zich heeft gelaten, verwacht je zoiets toch niet.

Jan belt weer met de professionele hulpverlening en legt de nieuwe verwikkelingen voor aan de professionals. De hulpverlening praat nog even aan de telefoon met de onverantwoordelijke moeder en zal op dit adres langsgaan voor een pittig gesprek.

Jan en ik nemen sluiten deze interventie en gaan retour. We hebben alles eraan gedaan. Als sluitstuk wordt wel een zorgmelding opgemaakt. Het resterende steentje dat wij nog kunnen bijdragen.

Je weet natuurlijk nooit of iemand zijn gedrag positief zal veranderen. Al is het maar voor het kind. Gelukkig is zij pas 6 maanden jong. Echter ge- en ongewenst gedrag wordt altijd doorgegeven ook al kan de baby de verwikkelingen rondom haar persoontje nog steeds niet bevatten.

Ik denk vaker dat het ieders morele plicht is om in de maatschappij zijn bijdrage te doen en verantwoordelijk te zijn.

Echter voor het aller moeilijkste in ons bestaan is nog geen opleiding bedacht, namelijk het krijgen en het opvoeden van kinderen. Gelukkig gaan veel mensen hier wel goed mee om.

Als we de woning verlaten lacht de baby nog steeds, hoe zal het haar in haar verdere leven vergaan? 

 Hoop doet leven,  n’est ce pas







woensdag 10 februari 2016

De Wet van Murphy + burgerparticipatie (mooi)

Giant het woord alleen al staat synchroon met gestaalde perfectie, uithoudingsvermogen, niet aflatende vriendendienst en brenger van voorspoed en elan. Dat is mijn gedachte tot gistermorgen. ik zal jullie deelgenoot maken van de aftakeling van titan.

Aldus, na mijn ontbijt pak ik mijn stalen maatje waarmee ik al vele kilometers in eensgezindheid en volledige symbiose heb afgelegd bij zijn horens, pardon ik bedoel stuur, vast. Ik moet mijn afstand tot mijn werkplek overbruggen en dat doe ik graag op mijn Giant fiets. Samen draaien we de kilometers er doorheen tot ik normaliter op mijn werkplek arriveer.

Meestal gaat dat voortreffelijk door weer en wind en in de pratsj, lees modder.
De moddersporen blijven meestal als een statement achter op de metalen onderdelen en zo. Maar, deze morgen lijkt het alsof mijn Giant ziek is, grieperig. De lucht is uit zijn longen, lees uit een van zijn banden. Ik gun mijn Giant fiets een rustpauze. Ik zal Giant vanaf deze zinsnede liefdevol bij zijn koosnaampje Titan, benoemen.

Hij staat op zijn banden te wachten. Een is halverwege lek. Panne, noemen ze dit in de wielrennerij. Met mijn pomp reanimeer ik de zieltogende longen - band. Ik pomp en het herleven begint voor Titan. Hij staat als het ware te trappelen op dat ik hem uit de garage wegvoer. In stilte genietend. Om de sfeer iets bij te werken ontsteek ik de lumieres, voor wit-licht en van achteren rood-licht via de LED applicaties op stuur en zadelstang. Sereen licht, opwekkend en volledig zichtbaar. Dat is de oplichtende trant. Sterk als vanouds beginnen Titan en ik als een vertrouwd tweespan aan de duurzame rit met de wind en regen volop tegen. Ik ben niets anders gewend en Titan maakt het niets uit zolang ik pedaleer. Hij praat nooit tegen mij. Het zij zo. Af en toe kraakt Titan onder het pedalerende geweld van mijn hamstrings. So be it. Buigen of barsten of de seizoenen met volle borst trotseren. Meer ons gezamenlijke ding!

Na een halve rit te hebben afgelegd komt het griepvirus of astma dan wel uitputting bij Titan naar boven als een ontploffende niets ontzielende vulkaan. Ik kijk en zie dat Titan leeg loopt. Jammer. Hij kermt niet maar hij is uitgeput, kapot en op. Ik stop want ik wil mijn maatje Titan niet naar de .loten helpen. Zijn longen werken niet mee. Titan doet spreekwoordelijk mee aan het menselijke spelletje van weemoed en ziekte.

Titan moet warm blijven. Dus beweeg ik samen met hem. Ik loop naast hem. Zijn ingetogen ziel is het eind van het Latijn nabij. Hulp is nodig. Niemand in de buurt die helpt of een helpende hand uitsteekt. Niemand vraagt hoe het met Titan is. Titan en ik zijn alleen op de wereld, zo lijkt het te zijn.

Titan vriend ik laat je niet alleen en ik zal voor je zorgen. Ik ren 6 kilometer met titan die geen krimp meer geeft hij lijkt in een fiets coma te verkeren. Het asfalt onder mijn voeten en onder de rubberbanden van Titan passeren onze schreden en wielomwentelingen. Ik heb ook pijntjes en last door het rennen. Mijn knieën en ook in mijn longen, want ik ben op dit moment niet de meest fitte diender. Ik ben te zwaar bepakt, heb verkeerde schoenen aan en de weg is lang en hard. Het asfalt en de geplaveide stenen wentel ik steeds sneller af.
Mijn longen houden gelijke tred met mijn rasse schreden over de gepolijste wegen. Met de wind steevast tegen ondergaan Titan en ik de beproevingen van deze regenachtige kille kouwe ochtend.

Als team komen we uiteraard sterker uit deze ochtend misère, want we zijn er voor elkaar voor de volle 100 %. Uiteindelijk komt het bureau in zicht. Ik gebruik mijn keycard en Heaven's gate opent zich. Titan en ik zoeken de warmte op. De longen-band van Titan staat levenloos en leeg erbij.

Maatje ik zal je helpen waar nodig. Meteen, nog voordat ik iets anders ga doen inspecteer ik Titan op zijn wonden en/of letsel. Ik ontkleed zijn longen-band en zie dat in de kleine long-band-blaasjes een groot gat is getrokken. Titan's levensadem is door dit onvoorziene gat verloren gegaan en heeft zijn kracht geminimaliseerd. arme sloeber.

Ik pas resoluut reanimatie toe en speur naar zijn verwondingen met een handpomp. Met bijbehorende solutie dicht ik zijn diepe wond en met een lichaamseigen rubber verband zorg ik dat mijn vriend Titan op adem kan komen in zijn ziekenboeg in de warmte, luwte en beschut.

Titan herstelt wonderbaarlijk snel. Ik doe hem zijn rubberen jas aan en hij is als herboren. Ik ben bezweet en de druppels parelen van mijn gezicht op de grond en laten donkere plekken na in het beton van de garage waar ik op dat moment vertoef aan de zijde van titan.

Ik hoor een collega nog zeggen van; Han weet je wat ze met het zweet van politieagenten doen? Geen idee antwoord ik. Ze maken er slaappillen van! Want dit komt niet vaak voor dat politieagenten zweten. Als ik mijn windjack uittrek merk ik pas dat mijn hele lijf en leden en kleding doordrenkt zijn van parelend zweet. Een politieman kan dus toch zweten! denk ik dan maar. Zal ik mijn zweet dan maar aan de slaappillenfabriek doneren?

Even later komt ik tot het besef dat ik tijdens mijn galopperende run met Titan aan mijn hand mijn diensttelefoon verloren ben in een onopgemerkt moment. Mijn diensttelefoon is mijn extern geheugen. Ik kan moeilijk zonder. Nu begin ik echt te zweten. Mijn poriën stuwen steeds meer angsten in de vorm van transparante klodders zweetparels door mijn huid omhoog. Paniek, nee zover is het nog niet. ik bel mijn eigen nummer omdat ik denk dat in mijn directe nabijheid mijn telefoondeuntjes uit de catacomben van het bureau zullen weerklinken. Niet dus. Ik krijg aan de andere lijn contact met een DAVEY P. Ik ben in het bureau dus ik denk dat een collega mijn telefoon gevonden heeft. Niet dus. DAVEY is een burger met het hart op de juiste plek zal even later blijken.

DAVEY´S schoonmoeder heeft mijn telefoon gevonden op het fietspad op de door mij afgelegde route naar het bureau. Ik meld DAVEY dat ik van de politie ben en graag mijn telefoon wil komen afhalen. Dat wil DAVEY niet. Hij komt de telefoon brengen. Even later omstreeks 10.00 uur komt DAVEY aan het bureau met mijn telefoon. DAVEY deelt mede dat adhv de berichtgevingen op de telefoon dit er een moet zijn bestemd voor militairen of politie.

DAVEY heeft nog geprobeerd om dmv ICE, kan iedereen programmeren op de telefoon om de verliezer - ik dus - te informeren. ICE kan benaderd worden bij onwel wording of verlies voor de familie en nabestaanden. Ik heb ervan gehoord maar nog niet geïnstalleerd. NU WEL DUS, achteraf.

Ik wil DAVEY bedanken voor zijn interventie en menselijkheid. Dat wil hij pertinent niet. MMD = MOOI MENS DAVEY. Ik bedank DAVEY en in de regen alweer verlaat hij het politiebureau.

De human touch, het mooiste wat er bestaat.