Translate

donderdag 21 januari 2016

Gelukkig Nieuwjaar, boef!

Op 2 januari 2016 heb ik ochtenddienst incidentenafhandeling. Ik weet nog niet met welke collega ik dienst heb, altijd weer een leuke verrassing en heel soms een uitdaging! Ik ben vroeg op het bureau om de nachtdienst collega’s af te lossen. 

Ik deel kort met hen de beste nieuwjaarswensen voor 2016, want we moeten snel aan de bak, blijkt even later.

Collega Rielke zegt; wij hebben samen dienst, Han. Mooi zo.

Dan blijkt er zojuist een melding van diefstal of inbraak is gedaan, die heel snel onze politionele aandacht opeist. Oftewel snel handelen om de boef te vangen. Ik hijs me in mijn harnas en al lopende naar de uitgang, melden Rielke en ik ons in bij de meldkamer en delen mede dat wij de melding overnemen van de nachtdienst en ons best gaan doen om de boef te vangen en aan te houden.

We rijden meteen naar de opgegeven locatie en onderweg licht de meldkamer ons verder in met details over de locatie, de particulariteiten en het signalement van de boef. We maken een grote kring en rijden snel en resoluut en maken de geografische kring kleiner en kleiner tot we bijkans in het veronderstelde middelpunt komen te verkeren. Deze omtrekkende conische beweging blijkt goed uit te pakken deze keer. Yes.

Kijk Han, zegt Rielke tegen mij, bij een groots opgezet gebouw van een schoolcomplex dat nog in het holst van de nacht verborgen zit, daar loopt een sinister figuur. Ik scan visueel mee en zie een ladder voortbewegen nagenoeg in het niets. 

Een vreemde gewaarwording. Even later zie ik dat de ladder over een mannelijke schouder gedragen wordt door een persoon die in het donker is gekleed. Het complete beeld wordt uitgelicht door een fel oranje muts op de tronie van de veronderstelde boef.

Deze oranje muts geeft ons de richting aan en lonkt als een vuurtoren of baken voor onfortuinlijke mensen op zee in nood. De boef heeft ons dan nog niet in zijn vizier of heeft een paniekerige chaos in zijn hoofd, wie zal het zeggen. Mogelijk heeft hij wel de lage sonore bastonen - vroem vroem vroem – van Vin Diesel Gasoline, onze politieauto, gehoord.

Oost Indisch doof klaarblijkelijk gaat hij –de boef- stug door met waar hij mee bezig is, weglopen of met het verkennen van de oneffenheden met gebouwen en hekwerken en zo, om met zijn ladder eventuele hoogten te overwinnen welke tussen hem en zijn roofgoed in komen te staan.

Als we niet beter geweten zouden hebben dan zou hij er met een blabla praatje tussenuit gekomen kunnen zijn in de trend van; ik ben medewerker van de technische dienst en opgeroepen voor een storing of zo. 

Deze keer echter niet, we stoppen onze politie auto, stappen uit en rennen in de richting van deze concrete boef. We zien dan nog slechts en alleen donkere kleding nog steeds geaccentueerd door en een oranje petje of zoiets.

Hoe dom kun je zijn om de politionele aandacht op je te vestigen.

We houden de boef staande en hij deelt spontaan mede dat hij bezig is met de ladder om het vuurwerk en zo, uit de bomen te halen. Ik kijk in zijn verholen gezicht onder zijn oranje stoffen afdak.

Ambtshalve ken ik hem als notoire verslaafde en gelegenheidsdief. Kat in het bakkie, boef je bent nu aangehouden. Ik sla hem in de boeien. Hij blijft spontaan blèren met onsamenhangende taal over het hoe en waarom hij hier is. Drugs richten kennelijk meer schade aan dan redelijk verstand kan goedmaken, denk ik.

In de buurt vindt Rielke meerdere buitgemaakte- en verstopte buit aan. Waaronder ook de bromfiets waarover door de getuige is gesproken tegen onze OC, meldkamer. Deze bromfiets blijkt na controle te zijn gestolen.

Nu is het voor Rielke en mij zaak om de bromfiets, de gestolen en aangetroffen materialen terug te brengen naar de wettige eigenaar. We hebben op dit moment alleen maar vermoedens en het bewijs mogen en moeten wij aandragen bij justitie. Lastig deze keer want het is pas 2 januari 2016 en de meeste bedrijven zijn dicht en nagenoeg iedereen slaapt uit van de Nieuwjaars vermoeienissen.

Leuke bijkomstigheid is dat deze 1e melding in 2016 meteen resulteert in de aanhouding van een boef om 06.55 uur. Gelukkig Nieuwjaar, iedereen. Dit terwijl onze dienst officieel pas om 07.00 uur begint. Een mooie start in 2016.

02 januari is eigenlijk net als apres ski het verlengde van de nieuwjaarsdag, een officieuze feestdag. Geen mens te bekennen op dit donkere voorjaarstijdstip. Onze boef maakt gebruik van zijn zwijgrecht. Hij geniet voorts van alle wettelijk verplichte egards en wordt door ons overgebracht naar het regiobureau in Maastricht. Daar wordt hij voorgeleidt voor een hulpofficier via video conferentie, krijgt hij een advocaat, nemen we zijn maten, foto, vingerafdrukken en wordt hij in afwachting van zijn onderzoek opgehokt in een rustige solitaire ruimte bestemd voor aangehouden personen.

We hebben nog altijd geen plaats van inbraak noch een aangifte. Rielke en ik zijn nu met de uiterst omslachtige uitgebreide bureaucratie onderweg. Dat is geen sinecure, dat mag u van mij aannemen.
We blijven de hele dienst tikken idem als trommelende hordes van regendruppels op een nat oppervlak.

Omdat we een aangifte dringend nodig hebben voor ons politioneel vervolgonderzoek plaats ik op de sociale media een oproep met meerdere foto’s van de aangetroffen en kennelijk gestolen eigendommen. Mijn bericht wordt gelukkig honderden keren gedeeld op facebook. Onderwijl gaat Strafvordering door en wordt de verdachte in verzekering gesteld in het belang van het onderzoek.
‘s Middags omstreeks 16.00 uur meldt zich via informatie op de sociale media de vermoedelijke benadeelde.

Meestal zet ik een gevoelsmatige streep onder de casus wanneer ik een heterdaad aanhouding heb verricht. Ik vang de boef en de vervolgbeslissingen zijn aan justitie en aan de rechter. De volgende dag in dienst wordt aan mij medegedeeld dat de verdachte de vorige avond in vrijheid is gesteld.

Ik zei het al hij is verslaafd en zal zich wel of niet houden aan de bezwerende vinger van justitie. Hij is of zal gedagvaard worden om zijn verhaal als verdachte voor de rechter uit te leggen.

Maar verslaafd aan drugs blijft hij en hij zal aan geld moeten komen om in zijn primaire verslavingsbehoeften te kunnen blijven voldoen.

Drugverslaving is de hoofdzaak in zijn bestaan en niets anders.

Tot de volgende keer, boef!



donderdag 7 januari 2016

Viaduct - Stenengooiers

Iedereen huivert wanneer er vanaf viaducten met stenen en andere voorwerpen gegooid wordt.

Onderdoor rijdende auto’s krijgen onwillekeurig de lijdende rol van aangeschoten wild. 

Een gevoel van fataal onbehagen is daarbij het afschuwelijke gevolg.

Stel je voor je rijdt in je auto in de ochtendspits van huis naar je werkplek. 

Je rijdt al niet te snel want daarvoor is het te druk. Je houdt gepaste afstand van je voorganger. Je bent in gedachten bij het verkeer ook al zijn er afleidingen van telefoons die plotseling gaan rinkelen en onbehoorlijk rijgedrag van je medeweggebruikers. 

Soms is het net oorlog op de weg en ben je een sluipschutter die niet de trekker overhaalt maar in plaats daarvan op de rem trapt om ergere chaos te voorkomen. Flexibel zijn en anticiperen op het verkeersintensiteit zijn hierbij de kernwaarden. Veilig rijgedrag is toch belangrijker dan even het opstandige bumper-klevende haantje uithangen.

In ons Basisteam is collega Luuc druk in de weer. Ik weet dan nog niet waar hij mee bezig is. Ik zie wel dat hij alle mogelijkheden onderzoekt in de opsporing. Tactisch en technisch is hij al behoorlijk aan de weg aan het timmeren. Hij seint mij even later in dat er stenengooiers in de weer zijn geweest in zijn verantwoordingsgebied en zij hebben vanaf een viaduct stenen naar beneden gegooid op auto’s. 

We weten allemaal wat het gevolg van een dergelijke onbezonnen actie kan zijn. Verschrikte automobilisten in het meest gunstige geval en ongelukken al dan niet met dodelijke afloop.

Luuc is dan al technisch en tactisch heel wat te weet gekomen over de daders, hun route en heeft al duidelijke signalementen van deze nobody’s, hun namen zijn nog niet bekend. Daar is verder onderzoek voor nodig. Ook heeft een gedupeerde aangifte gedaan inclusief signalementen na deze afschuwelijke daad. Haar auto is behoorlijk beschadigd.

Hij vraagt mij of ik de volgende dag plannen heb want hij heeft namelijk assistentie nodig bij het onderzoek naar de stenengooiers. Ik zeg meteen ja, in belang van de veiligheid en aanhouding van de daders.

De volgende dag observeren wij in alle vroegte in burgerkleding de route van de stenengooiers. Het zou goed kunnen dat de daders een andere route of andere schoollestijden hebben. Dat is in theorie allemaal mogelijk. Op het moment suprême komen twee jongens aangefietst in onze richting. Zij voldoen volledig aan het signalement van de stenengooiers. 

Luuc en ik komen in actie en versperren hun weg en maken ons bekend als politiefunctionarissen. Op korte afstand van elkaar houden we de boefjes staande. De 13 jarige die bij mij staat zegt van, we hebben niets gegooid? Gek, ik heb hem nog niets gevraagd. De situatie voelt warm aan en de grond onder zijn voeten is te heet voor hem.

We laten via het bureau een telefoonlijntje uitgooien naar justitie die op hun beurt i.v.m. de gevaarzetting, de aanhouding buiten heterdaad toestaan.

Even later verklaart het boefje dat bij mij staat dat er zojuist weer met voorwerpen van het viaduct op de onderdoor passerende auto’s is gegooid. Vermoedelijk is daarbij alweer een auto geraakt. De gevolgen van deze tweede en nu wel heterdaad actie, zijn nog niet bekend bij ons.

Nu hebben we dus opnieuw met een heterdaad situatie te maken. Het jongetje huilt en ziet het even niet meer zitten. De reden waarom ze met stenen gegooid hebben, dat weet hij niet. Hij verschuilt zich achter tranen en een mega schuldgevoel. 

We nemen beiden mee naar het politiebureau en dan volgen daar de strafvorderlijke stappen van voorgeleiding, inboeken als arrestant tot juridische bijstand en hun inverzekeringstelling gelet op de ernst van de feiten.  

Let wel –hun daden- vanaf een viaduct met stenen gooien zijn niet zomaar een vernieling of beschadiging van andermans eigendommen. Deze casus wordt door Justitie meteen hoog opgepakt i.v.m. poging tot doodslag. 

Ook al zijn beide jongens pas 13 jaar oud. De recherche wordt ingeschakeld en zij verrichten het verdere onderzoek. Daarbij houdt Justitie rekening met hun leeftijd maar heeft geen malse opstelling in deze.

Achteraf denk ik wat er nog meer had kunnen gebeuren als de zaak door de politie, in casu Luuc, niet meteen zou zijn geprioriteerd en opgepakt.

Zware auto-ongelukken met onschuldige slachtoffers zouden waarschijnlijk te betreuren geweest zijn.

Hopelijk zijn de boefjes tot inkeer gekomen v.w.b. hun onbezonnen levensgevaarlijke gedrag. Ze zullen op de blaren moeten zitten vanwege de straf en schade aan andermans eigendommen,


vrijdag 18 december 2015

Optimale verzorgingsstaat

Soms is de verzorgingsstaat in Nederland wel optimaal. Vooral als de onvrijwillig opgenomen persoon in kwestie ontsnapt aan de aandacht van zijn begeleidersteam van hoog tot laag uit een gesloten voorziening. Dat krijg je ervan wanneer je oude bomen verplant uit hun vertrouwde omgeving. 

De rustige bomen met verdorde bladeren binnen de voorzieningen klagen allang niet meer. Ze weten niet meer hoe dat moet.

Dan mijn verhaal. Afgelopen week breng ik een collega naar een locatie waar hij een afspraak heeft. Ik rij terug in een opvallende politieauto en ik ben ook nog super zichtbaar door de markante wespen kleuren van mijn stoere uniform.

Ik rij op een doorgaande weg. Rechts van mij zie ik een groepje mensen lopen. Vooraan lopen een oude man en een vrouw gearmd over het trottoir. Zij steken over en ik verminder mijn snelheid om hen fatsoenlijk doorgang te kunnen verlenen. De allerlaatste persoon uit dit voetpeloton geeft mij een meer dan duidelijk signaal een uitgestrekte arm, een stopteken. Ik stop uiteraard want wie weet kan ik iemand helpen met een vraag of advies geven of om professioneel datgene doen wat nodig is.

Ik draai het rechter portierraam elektronisch omlaag. De persoon steekt zijn hoofd in de ontstane opening en zegt tegen mij, die man en hij wijst daarbij naar de pointman van de colonne. Die man is verplicht opgenomen maar is er tussenuit gegaan in een bijna onopgemerkt moment. Vier verzorgers zijn meegelopen om de man weer naar de gesloten voorziening terug te brengen. 

De man is zwaar dement en kan niet alleen over de weg i.v.m. ongelukken voor hemzelf of anderen. Ik zeg, dan moeten jullie hem met zijn tweeën onder zijn armen vastpakken en terug brengen. Ik ben toch ook maar alleen op dienst. Deze actie lijkt mij niet zo moeilijk, toch!

Tja, zegt de verzorger, dan moeten we hem inderdaad fysiek vastpakken. Mocht het ons niet lukken dan bellen we wel! Zogezegd zo gedaan denk ik dan in mijn alleszins oplossing gerichtheid, minieme bureaucratie en uiterste zelfredzaamheid. Ik blijf toch dit komische peloton in de achterhoede in mijn vizier houden. Ik zie echter geen bereikte resultaten waardoor ik e.e.a. niet vertrouw.

Ik zie verder dat alle verzorgers achter de man aan blijven lopen. Behalve de vrouw een medewerkster die naast hem loopt. Ik heb een afspraak in mijn wijk maar denk, even assisteren geeft een hoop rompslomp minder, achteraf.

Ik rij met mijn auto langs de verzorgers en zeg van, ik geloof niet dat het errug lukt om de man in te rekenen. Neen, niet echt, is zijn antwoord. Het zijn volgers maar geen aanpakkers is mijn conclusie, jammer genoeg.

Ik rij vervolgens totdat ik naast de oude man kom. Ik zeg tegen hem van, De taxi is gearriveerd. U kunt instappen dan breng ik u naar huis. Met jou heb ik niets te maken zegt hij en maakt aanstalten om door te lopen op zijn blindelingse doodlopende route. De man heeft een weelderige haardos platina blond haar en kijkt mij met twee wilde ogen furieus aan. Ik stap uit en pak hem voorzichtig vast. Blijf van me af bijt hij me toe en meteen graait hij met zijn handen op een grof motorische wijze in de richting van mijn gezicht. Blijkt achteraf dat ik toch rood bloed heb zowel in mijn oor als aan mijn rechterhand.

Ik voel heftig verzet door een momentkracht van deze oude grijze beer van een vent die ook nog behoorlijk agressief is tegen zijn belager, ik dus. Dan heb ik ook nog de beste bedoelingen met hem.

Normaliter had die gast allang op de grond gelegen en had ik hem on-zachtzinnig in de boeien geslagen. Maar nee, nu niet. Hier past slechts en alleen fatsoen voor de leeftijd en dementie. De man is ijzersterk en wil alleen maar verder lopen. Ik kan noch wil geweld of opbrenggrepen toepassen. 

Dat kost minimaal blauwe plekken en een schouderblessure bij deze nestor.

Ik gebruik intuïtief zijn lichaamsgewicht en kracht tegen hem en draai hem eenvoudigweg op de achterbank van de auto. Daar steekt hij een been uit. Het portier kan niet meteen dicht en ik moet het been rustig binnen de cabine zien te laveren. Ik doe zijn autogordel om. Hij zit goed vast en weet niet hoe de gordel eventueel los zou kunnen. De verzorgers nemen op mijn verzoek plaats in de auto en met dit groepje rij ik terug naar de zorginstelling, vlakbij. 

Dat had de man nooit en te nimmer terug gevonden. Deze patiënt weet niet waar hij is, waarheen hij moet lopen om thuis te komen noch weet hij dat hij tegenover een politieman in vol ornaat staat. Dat wordt niet meer geregistreerd in zijn hersenen.

Erg deze dementie slachtoffers, het worden er steeds meer. De zorg is overbelast, onderbetaald en ligt onder het mes van verregaande bezuinigingen in onze huidige welvaartstaat.

Vooral het gelopen plaatsingstraject voor talloze gezinnen, echtgenoten en verdere familie om in te zien dat hun ouder of partner niet meer goed verzorgd kan worden binnen de huiselijke kringen.

Achter vele huisdeuren is zwaar leed te proeven of te voelen, wanneer je dit wilt en kunt zien. Vooral de advent periode tot kerstmis en het jaarlijkse vreugdesprongetje naar het nieuwe jaar. Dat zijn voor vele eenzame mensen en huisgezinnen zware tijden. Ieder najaar heeft prettige feestdagen in het vooruitzicht, maar niet voor iedereen achter de geraniums. Denk daar maar eens aan bij de kerstgedachte en gelukkig Nieuwjaar,

Terug op de zorglocatie vraag ik hoe de patiënt heeft kunnen ontglippen. Blijkt dat hij pas nieuw is en heg noch steg weet. Hij heeft de nooddeur (nooit op slot) geopend en is weggelopen. Gelukkig hebben medewerkers dit gezien en hebben op hem de achtervolging ingezet. Gelukkig ben ik in beeld gekomen om mee te helpen.

Binnen de zorglocatie wordt de man stilaan rustiger. Ik word hartelijk bedankt voor mijn interventie.

Ik vertrek en ga door met mijn politie besognes; What’s app groepen bespreking, inbraken en vermeende gevaarlijke honden, bedreigingen, intimidaties en parkeeroverlast en ruzie in de dop. Verder nog met een collega een jonge persoon bezocht die mogelijk in staat is of moet worden geacht om zelfmoord te plegen. Te jong voor een doodswens. De nodige instanties zijn al met hem bezig. Zijn doodswens is nog steeds niet omgebogen naar een levenswens en een mooie toekomst.

The day after oftewel een dag later heb ik incidenten afhandeling. Ik rij naar de zorginstelling en vraag binnen naar de gezondheidstoestand van der Aussreiser. Blijkt dat hij gisteren doodmoe en mak als een lammetje in de zorginstelling is teruggekomen. Hij heeft geen weet van wat hij mogelijk zou hebben uitgespookt. Wat heb ik dan gedaan heeft hij gevraagd. Het antwoord op zijn vraag is hij meteen weer vergeten. Zijn (korte termijn) geheugen heeft hem voor 100% in de steek gelaten.

Jammer en sneu om dit als mens te moeten meemaken.

Waar zijn we zonder herinneringen met uitgedoofde ogen en blanco uitgewist geheugen.

Jeetje, wat is er mis met gezond ouder worden en genieten van een welverdiende oude dag,

PS; de oude nestor is nog steeds vatbaar voor vrouwelijk schoon als zij hem iets vragen.

Ik wens jullie allemaal fijne feestdagen en een goede gezondheid voor jezelf, gezin, vrienden en familie en al diegenen die ik vergeten ben te noemen,


Kijk uit als je met vuurwerk stunt!

Life, Nothing else matters,





zaterdag 12 december 2015

Benzinedieven gepakt

Deze middagdienst op 06 december, the day after Sinterklaas, mag ik samen werken met collega Ricardo. Direct na aanvang dienst krijgen we een melding van diefstal benzine bij een tankstation aan de A2 snelweg. 

De verdachten zijn na tanken, stiekem weggereden met een gevoel van wetteloosheid en een kick van het is weer gelukt, aan de kant gezet door de oplettende collega’s van de KLPD. 

Zij zijn gelukkig net op de juiste plek met de juiste politie instelling. Zij hebben de daders aangehouden die nu te gast zijn in huize justitie. De collega’s van de KLPD staan nu dus voor een dilemma. Ze hebben twee aangehouden verdachten die al zijn voorgeleid maar zij hebben nog geen aangifte met daarin een omschrijving van wat er precies heeft plaatsgevonden.

Aan Ricardo en aan mij de eer om de aangifte op de plaats van delict te gaan opnemen. Op deze locatie blijkt dat de werknemer die een en ander heeft aangezwengeld, al vrij is en op weg naar huis. Ik bel de werknemer op, via een onbekend telefoonnummer. Wij geven onze telefoonnummers immers niet door. Zo acteert de politie altijd in de telefonische communicatie met de burgers. Veel mensen nemen dan niet meer op. Onbekend maakt onbemind, toch!

Dus blijft vaak alleen de mogelijkheid over om een sms’je of het inspreken van de voice mail als extra bruggetje naar het wenselijke contact. Deze keer is het heel dringend. De uren verlopen. We hebben ten slotte maar 6 uur voor verhoor. Dan gaat de verdachte in vrijheid (bij gebrek aan bewijs) of in verzekering (in het belang van het onderzoek).

We nemen de aangifte op van een verantwoordelijke medewerker bij het tankstation. Ze doen vaak aangifte maar horen hier meestal niets van terug. Tot vandaag want nu worden ze door ons, met de nodige opsporingsinformatie verzorgd. Ze zijn maar wat blij. Heeft het voor hun toch nut gehad om de diefstal op heterdaad te melden aan de politie.

Uit de aangifte blijkt dat de daders een goed ogenblik om te tanken zonder te betalen hebben uitgekozen. Echter ze zijn abuis want een medewerker met de argusogen heeft de euvele misdaad gezien en heeft meteen de nodige alarmbellen geraakt en de politiemeldkamer ingeseind. 

De meldkamerman op zijn beurt heeft de patrouilles heeft ingeseind. Het opsporingsresultaat is positief en heeft geresulteerd in de aanhouding van deze 2 daders. Binnen korte tijd en -afstand vanaf het tankstation. Mooi.

Toeval bestaat immers niet, slechts doortastend optreden zoals nu gebeurd is door meteen in te haken op de ontstane situatie en in dit geval boeven of boefjes arresteren.

Tijdens het opnemen van de aangifte staan wij in het tankstation, zo groot als een dorpssupermarkt met alle ingrediënten en lichamelijke geneugten van dien. Een ontzettende grote tamme en makke mensenstroom die in- en uitloopt benzine en versnaperingen betaald en dan weer met een volle buik en/of een volle tank huiswaarts keert.

Dan zullen criminelen die het voorzien hebben op diefstal of andere misstappen, door de mazen van het net proberen te zwemmen. Ik observeer het inkoopgedrag in de winkel en zie dat het is niet altijd mogelijk voor personeel om alert te zijn op alles en iedereen die voor hun neus komen afrekenen of vragen stellen of hulp nodig hebben bij het pinnen, et cetera. Op dergelijke momenten kan niemand van het personeel van het tankstation het totale overzicht bewaren.

Ik snap al jaren niet waarom we tanken, winkelen en dan pas betalen. Hier zou het bedrijf de rollen moeten omdraaien net als op veel plaatsen in Amerika. Eerst benzine betalen dan pas tanken. Vinden klanten het dan nog nodig om binnen het station te gaan inkopen of de innerlijke mens te gaan versterken, dan kan dat altijd nog. Graag zelfs. 

Maar dan zullen eerst de kaders van de commerciële winkel economie aangepast moeten worden. Een dergelijke manier van verkoop en klantenbinding zou overal in Nederland of in Europa doorgevoerd moeten worden. We zijn ten slotte EEN economisch Europa. Dat zou het veelvoud van taken van de werknemers sterk vereenvoudigen en meer duidelijkheid en overzicht verschaffen.

Dat er nog steeds misbruik gemaakt kan worden met gestolen betaalkaarten blijft mogelijk, helaas. Betaalkaarten meteen na diefstal blokkeren en de pincodes niet meer opschrijven en in de beurs erbij bewaren, et cetera zijn opties om diefstal of fraude te voorkomen.

Van de medewerker krijg ik groot gelijk. Zij roept dit al een aantal jaren.

Ik zeg maar zo, alles went, ook de verplichting om eerst te betalen en dan pas te tanken. Een goed voorbeeld? Ik denk het wel en een goed voorbeeld doet immers goed volgen.

Even later wordt de medewerker -ik noem hem- Sherlock Holmes vanwege zijn doortastendheid, op mijn telefoon doorverbonden. Ik licht hem in voor wat betreft zijn aandeel in de aanhouding en het ophokken van de 2 daders. Zijn dag kan niet meer stuk. Goed dat hij snel en adequaat heeft gereageerd op de daders van de benzine diefstal.

De werkgever van dit tankstation, kan blij zijn met de betrokkenheid van zijn personeel.

Ik hoop dat dit blog nog meer reacties oplevert om tanken en betalen om te zetten naar betalen en dan pas tanken.

Voordeel, het wordt veiliger in en rondom de winkel. Qua tijdspanne verandert er nagenoeg niets.

Oh ja, de politie kan ook inventiever worden. Mijn collega Ricardo heeft de aangifte op papier gezet. 

Dan moeten we naar het bureau rijden om de aangifte in ons bedrijfsprocessensysteem in te voeren en doorsturen naar de collega’s die met de benzine dieven aan de slag zijn gegaan.

Jeetje, efficiency kan blijkbaar overal beter,

zondag 6 december 2015

Goegeluh ennuh transleete

Goegeluh ennuh transleete

Op 8 november sta ik gepland voor een middagdienst incidentenafhandeling, samen met collega Ron. Op weg naar het bureau (op mien fitske) vraag ik me af wat voor dienst we vandaag weer voorgeschoteld zullen krijgen, een heftige- of een gangbare gebruikelijke dienst.

Wat ik wel weet is dat geen enkele dienst vooraf voorspelbaar is. Altijd weer die min of meer spannende ongewisheid.


Een zekerheid hebben we want situaties, clientèle en omstandigheden zijn elke keer weer divers, vaak haaks op politiewerk dat eerder is voorgevallen.

De dienst begint rustig. We combineren het politie toezicht met onze zichtbaarheid in de wijken.

Via het bureau krijgen we de opdracht om naar de autosnelweg te rijden. Daar is een Spaanse chauffeur de dupe van diefstal van diesel uit zijn vrachtauto. Olé. Spraakverwarringen, onverstaanbaarheid en taalbarrières zijn debet aan het feit dat de frustratie is toegeslagen. De politie zou hiervan zomaar de schuld kunnen krijgen! Raar maar waar.

We krijgen voor vertrek vanaf het bureau nog mee van de Mico, middag coördinator, die de aansturing regelt, denk maar aan Google Translate. Deze kwinkslag stoppen we in onze rugzak en rijden naar de opgegeven locatie, een parkeerplaats naast een druk tankstation.

De bedoelde applicatie (app) van Google Translate, heb ik reeds op mijn gloednieuwe Samsung S5 gedownload maar nog niet gebruikt in de praktijk. Wel thuis en heb ik de Nederlandse vertalingsversie naar de Italiaanse taal ingeluid. Bon Giorno et cetera. Het is mij thuis goed gelukt en de vertalende papieren woordenboeken heb ik in gedachten al weggegooid evenals de vertalingsboekjes van de ANWB en verdere papieren taal backups.

Dan komen we op de overbevolkte parkeerplaats door en voor langparkeerders. I.v.m. verbod van rijden ingevolge de Rijtijdenwet op zondag moeten zij hun stalen paarden en aanhang, stallen langs de asfalt prairies op de diverse routes. De bedoelde vrachtauto is van Spaanse origine met het kenteken 9323-OLE. De vrachtauto staat stil en de bestuurderscabine is in het duister gehuld. Dat wil zeggen de donkere gordijnen zijn geheel gesloten. Mogelijk ligt iemand te slapen.

De laadbak staat op een kier. Zou er dan toch ingebroken zijn? Nee dus, er staan mega grote rollen in de laadbak. Inbraakpreventie door te laten zien dat er niets te halen valt is ook een modus ter voorkoming van diefstal.

Ik wek de chauffeur door op het portiek aan te kloppen in het ritme van Jochem Meijer; “wakker worden wak wak wakker worden”.

Na mijn roffel worden de gordijnen meteen van binnenuit geopend. Een gebruinde Spaanse beer van een vent in blote bast komt achter het portierglas tevoorschijn. Zijn grote witte tanden lichten op in zijn donkere cabine. Hij stapt even later uit de cabine in zijn nota bene groene korte “Hulk Hogan” broek.

Ron en ik beginnen het gesprek met hem en meteen blijkt dat hij geen Duits of Engels maar slechts en alleen de Spaanse Linguïstiek beheerst. Hablar Espanjol en niets anders, zo blijkt ons. Gesticuleren (gebarentaal) en andersoortige mimieken werken geenszins verhelderend noch begrijpend.

Ik roep meteen en resoluut de assistentie in van Goegeluh Transleet. Een mechanische sprekende tolk die de meeste talen in Europa meester is. Het is hoog tijd in onze 24 uur economie dat iedereen een chip ingeplant krijgt met een ruim taal accent. Zo ver zijn we nog niet, dus helpt Samsung ons met de App, uit deze taalbarrière.

De app. werkt perfect. Ik stel de Spanjaard diverse vragen die vertaald worden in zijn moedertaal. Antwoorden worden in het Nederlands terug vertaald. Tolken hebben we vanaf vandaag niet meer nodig. Het kan gemakkelijk via dit novum uitgevoerd worden. Echter niet te snel praten en goed blijven articuleren is een pre.

Het vraag en antwoordspel is heel duidelijk en vooral goed te begrijpen voor deze Spanjaard en voor ons. Om 19.00 uur mag hij weer verder rijden. Hij is wel 300 tot 400 liter diesel kwijt of armer door diefstal en hij zal eerst nog moeten tanken om zijn verre rit als een heuse Don Quichotte op zijn stalen ros naar de verre oorden die hem wachten, te kunnen voortzetten.

Als bewijs voor zijn baas wordt met onze toestemming door hem een gezamenlijke foto gemaakt als fotografisch bewijs dat hij hier in Nederland met de politie gesproken heeft.

Politiewerk wordt door de moderne techniek steeds gemakkelijker. Echter we worden nog steeds overvraagd maar ook dat heeft zijn charmes als je tot ludieke technische oplossingen kunt komen.

Voor mij leuk en interessant te noemen dat we door gebruik van deze mediatools een taalbarrière hebben kunnen beslechten en ons verstaanbaar hebben kunnen maken.


Yep tools

maandag 23 november 2015

de Noten-bende

Woensdag 11.11.2015 – notabene de dag van de aftrap en opening van het carnavalsseizoen - heb ik middagdienst incidentenafhandeling. Ik denk vaker van, wat zouden de mensen denken waar wij als politie überhaupt mee bezig zijn. Hopelijk denken de mensen dat wij goed werk doen en daarbij ons beste beentje voorzetten. Soms is ons werk lachwekkend, afgewisseld met lugubere-,gewelddadige of banale elementen. Deze onvoorspelbare- of onvoorstelbare mix krijgen wij dagelijks voorgeschoteld.

Ik zal trachten een reëel beeld te schetsen van een hectische politie middagdienst vanuit mijn perspectief als politiemens bekeken.

De meldkamer bombardeert ons tegenwoordig onophoudelijk met meldingen en assistenties van diefstallen tot hulpverleningen van macro tot micro niveau. Maar ook gebied overstijgende zaken, waar de maatschappij waarin wij met zijn allen leven, geen plausibele oplossing voor heeft.

Echter het hechten van onzichtbare wonden dat mogen wij niet altijd. Dat is niet altijd onze core business. Soms is er niemand, dan biedt uw politie doekjes voor het (on)zichtbare bloeden aan. 

Ik ben een half uur voor aanvang van mijn dienst op het bureau. Daar spreek ik met 2 volontairs die goed werk doen als onbaatzuchtige mantelzorgers in de hedendaagse 24-uur maatschappij. Zij zijn de preventieve ogen en oren in de wijken. Altijd weer prachtig deze mensen te zien die de maatschappij een warm hart toedragen en blijven participeren. Zij zijn fel rood gekleed en hun uniformen zijn geïndiceerd met het woord politie volontairs. Mijn gesprek met hen duurt iets langer. 

Normaliter komt de ochtenddienst binnen en geven hun auto´s en sleutels af aan de aflossende middagdienst collega’s bij de de- en briefing. Het werkaanbod en de targets worden dan normaliter uitgewisseld.

Deze middag loopt heel anders dan verwacht. Even na 14.00 uur loop ik onze werkruimte binnen. Het lijkt daar alsof er een orkaan heeft gewoed die in de maalstroom alle collega’s heeft weggevoerd naar buiten naar het publieke domein. De beeldschermen van de computers staan nog aan. Papieren liggen door elkaar, koffiebekers met de zwarte smeuïge substantie zijn haast onaangeroerd.

Jeetje, wat heb ik gemist in a split of a second. Blijkt dat alle politie-vogels zijn gevlogen naar een nabijgelegen supermarkt waar i.v.m. mobiel banditisme 3 buitenlandse dieven zijn aangehouden. Rondom de plaats van delict, een supermarkt wemelt het van de blauwe lichten en een veelvoud aan politiemensen. Ik hoor vrij snel dat de situatie onder controle is en dat de verdachten naar Maastricht gebracht worden voor hun voorgeleiding. De rit, de voorgeleiding met tolken et cetera duurt erg lang deze keer. Ook door de administratieve naslagen. Het is eenmaal niet anders.

Uiteindelijk krijg ook ik een opvallende politieauto ter beschikking. De meldkamer-man is blij met mijn bereikbaarheid voor de incidentenafhandeling. Hij heeft immers niemand meer ter beschikking op straat. Alle collega's zijn bezig met de afhandeling van de aanhouding van de verdachten. 

Ik haal snel mijn collega vanaf een ander bureau op en zijn dan volledig inzetbaar. We krijgen een paar meldingen van verdachte situaties die achteraf niets hebben betekend, blijkt ons na controle.

Dan krijg ik intern via het bureau de vraag om een kassière te gaan horen i.v.m. de aangehouden verdachten. Zij blijkt dan al naar huis te zijn gegaan. Ik meld deze klus aan de meldkamer. De meldkamer-man geeft onder voorbehoud toestemming want er is nog steeds geen andere surveillance beschikbaar. Mocht de nood aan de man komen dan moet ik het verhoor afbreken. 

In haar woning horen mijn collega en ik de kassière. Zij is in de winkel door een klant geattendeerd op een winkeldiefstal door de z.g. Notenbende. Deze hebben een hele kar vol met noten en koffie ingeladen voor een groot geldbedrag en zijn er gemoedelijk doch uiterst alert, tussenuit gepeerd. 

De kassière heeft alarm geslagen en gezamenlijk met haar collega's hebben zij de daders uit hun auto getrokken en in afwachting van de komst van de politie aangehouden. Daarbij zijn zij nog opzij gesprongen voor de vluchtauto. 

De twee collega motorrijders hebben veel verklaringen opgenomen van personeel en zijn direct na de gedane prioriteit 1 melding op eigen initiatief nagenoeg als eerste ter plaatse gearriveerd met een walm en geur van burning rubber op de dampende politie motorbanden.

Collega’s van de BT Opsporing worden geïnformeerd. De daders worden in verzekering gesteld. Dan begint de strijd op papier, de advocatuur, de tolken, het uitreiken van de rechten van de verdachte volgens nieuwe procedures. Alles moet in goed volgorde worden uitgevoerd en uitgereikt aan de verdachten anders krijgen we vormfouten en gaat de zaak linksaf.  De rechters zijn onverbiddelijk. Justitie en politie BT-Opsporing hebben een moeilijke klus in deze want de politie zal toch met het overtuigende en wettige bewijs over de brug moeten komen.

Later komen de arresterende collega’s terug van Maastricht. De middagdienst blijft onrustig. Ik krijg verzoeken om aandacht te geven aan vuurwerkoverlast met zwaar vuurwerk. In de betreffende buurt hebben mijn collega en ik ons een uur lang multitaskend opgehouden. In deze buurt hebben we ook nog hebben bemiddeld bij een drugs/psychisch probleem. Moeder zet zoon op straat. Hij wil niet geholpen worden, kennelijk. Ik ben benieuwd wanneer hij opnieuw in ons politie vizier terecht komt.

Verder nog in dezelfde buurt krijgen we nog een relatie probleem voor de kiezen waarin geen overwinning te boeken is. De rek is er allang uit in dit gezin. De bloedlijn is niet meer wat het geweest is, en zal niet meer verbeteren tot een algemeen aanvaardbaar familiair niveau.

Uren later terug aan het bureau zie ik de ochtenddienst motormuizen Paul en Karim nog druk typen. Zij hebben een bulk werk van de getuigenverklaringen en hun bevindingen van de winkeldiefstal die nog uitgewerkt moeten worden voordat zij naar huis kunnen gaan. Voor hun een veel te lange werkdag waar zij flink wat meer- of overuren op hun werkuren teller krijgen. Ze klagen niet. Het is nu eenmaal zo en soms is het niet anders. Een leuke treffende spreuk van de cursus Mentale Weerbaarheid.

Dan hoor ik dat andere collega´s weer aan de bak moeten met een opdracht om een verdachte te gaan aanhouden in een flat, ook nog tegen het einde van hun dienst. Ook zij klagen niet. 

Ik mag nog naar parkeerproblemen bij een Middelbare school, waar mensen denken hun auto´s uit hun handen te kunnen laten vallen tot frustratie in de buurt. Ter plaatse blijkt dat de meeste overtreders dan al weg zijn gereden. Normen en waarden in het parkeren kunnen altijd beter, toch!

Dan maken mijn collega en ik onze administratie op orde en krijgen we net voor einde dienst een melding van iemand die volgens zijn familie depressief is en best wel eens zelfmoord zou kunnen gaan plegen in zijn woning. Telefonisch contact is niet mogelijk. Het adres is nagenoeg onvindbaar. Een andere collega die nog in dienst is, rijdt uit collegialiteit en betrokkenheid nog even met ons mee.

We kloppen bij het juiste adres meermaals aan. Geen gehoor. Dan maar een telefoontje naar de depressieveling. En jawel hoor, de persoon meldt zich gelukkig bij ons aan de voordeur. hij is als herrezen uit zijn as en heeft absoluut geen planning op te houden met zijn leven, zo zegt hij. De familie aan de andere kant van de lijn is blij, gelukkig en opgelucht. Zij spreken elkaar telefonisch verder als wij in het holst van de nacht wegrijden richting bureau om status 5, einde dienst te kunnen geven.

De nachtdienst zal ons als middagdienst aflossen. Ook de nachtdienst collega's zijn ruim op tijd.

Dan weet ik niet wat er deze middag in de andere basisteams heeft gespeeld. Ongetwijfeld in mindere of meerdere mate van hetzelfde laken een pak. Dat hoor ik, dat weet ik, dat voel ik aan mijn theewater.

Soms valt het mee, maar altijd zijn we onder de mensen. Dat is mooi en goed zo! 

Saillant detail: De leden van de "Notenbende" zijn na hun voorgeleiding en inverzekeringstelling in bewaring gesteld voor maar liefst 14 dagen. Zij moeten zich nog vanuit detentie voor de rechter verantwoorden. Getracht zal worden om meerdere grove winkeldiefstallen in Limburg en Brabant aan hen te linken. Dit vergt nog een hoop onderzoek, maar deze bandieten zitten voorlopig opgehokt bij de politie.

Deze middag hebben we met zijn allen een klein crimineel korreltje zand in een grote woestijn onzichtbaar verplaatst. Maar wel zichtbaar gemaakt door dit verhaal.

Morgen is ons werkaanbod weer helemaal anders.





zondag 8 november 2015

Aangetroffen dode in het water en sociale media

Key to succes
Zomaar een ochtenddienst op 5 november waar ik gepland sta voor incidentenafhandeling. 

Om 06.30 uur sta ik paraat in full armor voor aflossing van de nachtdienst. Ik draai deze dienst met collega Armand, mooi. Ik bekijk eerst de administratie. Er zijn een paar adressen die aandacht vereisen i.v.m. inbraken, vernielingen, buitenlandse criminele aandacht en een adres i.v.m. loverboy praktijken. Multitasker als ik ben – ik kan bijna 2 dingen tegelijk- zal ik proberen aandacht te geven aan mijn gebied, als wijkagent wanneer de dienst dit toelaat.

Omstreeks 08.06 uur wordt er voor mijn wijkzaken roet in het eten gegooid en geeft de meldkamer een prioriteit 1 melding door. Er is een overledene in het Julianakanaal is aangetroffen door baggeraars die het kanaal aan het verbreden en aan het uitdiepen zijn. De melder staat nog op de locatie en de komst van de politie is nodig.

Armand en ik gaan meteen op weg en nemen nog de operationeel coördinator mee. Bijna ter plaatse geeft de meldkamer aan 2 andere surveillances een melding door van een zwaargewonde vrouw in een woning. Er is verder nagenoeg niets bekend. De andere collega’s kunnen deze taak goed aan. 

Armand en ik zouden hen graag willen assisteren. Helaas, deze keer kan het niet i.v.m. onze dode.

We rijden door en treffen op de locatie een groot baggerschip aan met langszij in het water een lichaam van een onbekende man. Achteraf blijkt de man al enige tijd in het water rond gedobberd te hebben.

Ik krijg een deja VU lang geleden met een vermoord meisje dat ik goed gekend heb, dat ook na speuren met een brandweerboot is gevonden in het water, niet ver hier vandaan. Ik heb haar toen meteen aan herkend, zoals dat in onze kringen heet. Een heel erg trieste geschiedenis nog steeds.

Terug weer naar hier en nu; er wordt de assistentie gevraagd van de brandweer. Zij komen per –auto en per -boot. Om de overledene aan wal te krijgen moeten we flink aan de bak door het lastige terrein en het niveau verschil. De collega’s van de Forensische opsporing onderzoeken de man om een misdrijf uit te sluiten. De man heeft van alles bij zich maar geen identiteitspapieren. Ik laat zijn lichamelijke toestand en andere trieste besognes weg uit dit verhaal. Niet mooi en niet prettig voor al onze zintuiglijke waarnemingen. De dood is nooit mooi of lief en het tijdstip van intreden duurt soms te kort of te langdurig bij lichamelijk of psychisch leed.

Dan ben ik zoals altijd weer heel blij met brandweercommandant Thei. Zijn doen en laten zijn van grote toegevoegde waarde. Hij handelt, denkt mee, adviseert, vraagt en pakt perfect aan en is met mens en materieel perfect voorbereid op elke job die hem en zijn brandweerteam te wachten staat. Ik denk dat als Thei niet bij de Brandweer zou hebben gewerkt dan beslist ergens anders in de hulpverlening. De brandweer is een heel belangrijke partner in de hulpverleningsketen.

Ongelofelijk hoeveel recherche- en hulpverleningsstappen rondom deze overledene ingezet worden. En dat pas na de ingetreden dood van een nog steeds onbekende. Dat hoort ook zo te zijn en te gaan in een modus van menselijkheid, betrokkenheid en professionaliteit.

Bij leven is er vaak geen of veel minder aandacht voor mensen in fysieke of psychische nood. Economische rendementen wegen in een spagaat met humanity, veel zwaarder.

We schakelen Real intelligence in en de buitenlandse politie instanties via de meldkamer. Want niemand kan en mag gemist worden. We komen niet achter de identiteit. De overledene wordt overgebracht naar een mortuarium voor verder onderzoek. 

Contact wordt er gelegd met de officier van justitie. Als na gedegen onderzoek blijkt er geen misdrijf is gepleegd wordt het lichaam vrijgegeven. Dit duurt nog een poos.

Een sleutelbos bij de overledene aangetroffen, wordt de “sleutel tot succes” richting bekend worden van zijn identiteit.
Armand en ik trekken vele tips en mogelijke treffers na. Zonder resultaat naar de identiteit vooralsnog.
Ik bel op verzoek van een collega uit Maastricht naar een adres waar een man vermist is. Ik vraag het familielid naar bijzonderheden van de vermiste. Dit vermiste familielid is niet onze overledene.

Ik weet dat een dergelijk telefoontje van de politie de gemoedstoestand aan de andere kant van de lijn kan opjagen. Ik probeer dit zo rustig als mogelijk te doen. Ik denk aan de door mij in te schatten emotie aan de andere kant van de lijn, dat het gelukt is om de rust te bewaren. Ook dit familielid wens ik verder sterkte en beëindig dan het gesprek.

Ik bekijk de politiesystemen aan het bureau. Echter er zijn zoveel vermissingen ongelofelijk in aantallen. Het rechercheren en zoeken is haast ondoenlijk, gelijk aan het zoeken naar een speld in een hooimijt. Gelukkig worden de meeste vermiste personen weer in levenden lijve aangetroffen en afgemeld in onze systemen. Sommigen blijven jaren als vermist opgegeven. Zwaar voor de achterblijvers. We doen wat we kunnen doen.

Een intelligence hit dirigeert ons met de sleutelbos naar de politie België te Liège / Luik. Vooral de vermissing en de Opel contactsleutel aan de sleutelbos zouden hier een treffer kunnen opleveren.
Met de police local gaan we naar de woning. Daar blijkt geen van de sleutels te passen op de huissloten. De foto’s aan het bureau doen ons standpunt versterken dat de overledene niet de vermiste man in België is.

Terug aan het bureau belt Armand met onze politie communicatie collega’s. Later is het mediabericht op L1 te lezen. Ik heb een foto gemaakt van de bos huissleutels die de overledene bij zich heeft gedragen. S-avonds na mijn dienst, plaats ik thuis de foto op mijn eigen facebook pagina en op de facebook pagina van mijn basisteam. Je weet maar nooit wie wat weet en niet geschoten is altijd mis. De foto is een open vizier en ik noem nog geen bijzonderheden. Het facebook bericht wordt meer dan 48.000 gelezen en meer dan 800 keer gedeeld.

De bos huissleutels, in combinatie met de sociale media, heeft opgeleverd dat de identiteit van de overledene nagenoeg dezelfde dag bekend is geworden. Dat noem ik pas een perfecte sociale media buurtparticipatie, chapeau.

De auto van de overledene staat desolaat op een parkeerplaats in de buurt van het kanaal. De Opel sleutel aan de sleutelbos past op het deurslot. Ook weer top-informatie die ons via het facebook bericht bereikt heeft. Laat in de avond wordt de mogelijke identiteit van de overledene bekend en nemen de collega’s van de nachtdienst de honneurs waar. Er worden verdere afspraken gemaakt over hoe te handelen.

Dan de volgende dag, 6 november. Ik lees de krant en zie het bericht van de overledene in het kanaal naast de reportage van de gewonde vrouw, waar verder nog een dode te betreuren is in de relationele sfeer.

Mijn collega’s hebben op het moment van optreden bij de gewonde vrouw in haar woning niet geweten of er nog ander dreigend gevaar of gevaarlijke gewapende figuren in het betreffende pand aanwezig zouden kunnen zijn. Zij hebben doorgezet en hebben minutieus met inachtneming van de veiligheidsaspecten alleen maar goeie keuzes in hun politie optreden gemaakt. Ga er zelf maar eens onvoorbereid op de consequenties, aan staan.

We kunnen stellen dat 5 november een drukke dienst is geweest voor de politie waarin onze collega’s van de recherche ook nog zijn ingeschakeld.

Een hele sterke schakel van samenwerking en vakmanschap tussen alle hulpverleningsdiensten en politie. We hebben voor de maatschappij weer iets kunnen betekenen, mooi zo.

Vervolgens > back to police business as usual < toch!