Translate

maandag 23 november 2015

de Noten-bende

Woensdag 11.11.2015 – notabene de dag van de aftrap en opening van het carnavalsseizoen - heb ik middagdienst incidentenafhandeling. Ik denk vaker van, wat zouden de mensen denken waar wij als politie überhaupt mee bezig zijn. Hopelijk denken de mensen dat wij goed werk doen en daarbij ons beste beentje voorzetten. Soms is ons werk lachwekkend, afgewisseld met lugubere-,gewelddadige of banale elementen. Deze onvoorspelbare- of onvoorstelbare mix krijgen wij dagelijks voorgeschoteld.

Ik zal trachten een reëel beeld te schetsen van een hectische politie middagdienst vanuit mijn perspectief als politiemens bekeken.

De meldkamer bombardeert ons tegenwoordig onophoudelijk met meldingen en assistenties van diefstallen tot hulpverleningen van macro tot micro niveau. Maar ook gebied overstijgende zaken, waar de maatschappij waarin wij met zijn allen leven, geen plausibele oplossing voor heeft.

Echter het hechten van onzichtbare wonden dat mogen wij niet altijd. Dat is niet altijd onze core business. Soms is er niemand, dan biedt uw politie doekjes voor het (on)zichtbare bloeden aan. 

Ik ben een half uur voor aanvang van mijn dienst op het bureau. Daar spreek ik met 2 volontairs die goed werk doen als onbaatzuchtige mantelzorgers in de hedendaagse 24-uur maatschappij. Zij zijn de preventieve ogen en oren in de wijken. Altijd weer prachtig deze mensen te zien die de maatschappij een warm hart toedragen en blijven participeren. Zij zijn fel rood gekleed en hun uniformen zijn geïndiceerd met het woord politie volontairs. Mijn gesprek met hen duurt iets langer. 

Normaliter komt de ochtenddienst binnen en geven hun auto´s en sleutels af aan de aflossende middagdienst collega’s bij de de- en briefing. Het werkaanbod en de targets worden dan normaliter uitgewisseld.

Deze middag loopt heel anders dan verwacht. Even na 14.00 uur loop ik onze werkruimte binnen. Het lijkt daar alsof er een orkaan heeft gewoed die in de maalstroom alle collega’s heeft weggevoerd naar buiten naar het publieke domein. De beeldschermen van de computers staan nog aan. Papieren liggen door elkaar, koffiebekers met de zwarte smeuïge substantie zijn haast onaangeroerd.

Jeetje, wat heb ik gemist in a split of a second. Blijkt dat alle politie-vogels zijn gevlogen naar een nabijgelegen supermarkt waar i.v.m. mobiel banditisme 3 buitenlandse dieven zijn aangehouden. Rondom de plaats van delict, een supermarkt wemelt het van de blauwe lichten en een veelvoud aan politiemensen. Ik hoor vrij snel dat de situatie onder controle is en dat de verdachten naar Maastricht gebracht worden voor hun voorgeleiding. De rit, de voorgeleiding met tolken et cetera duurt erg lang deze keer. Ook door de administratieve naslagen. Het is eenmaal niet anders.

Uiteindelijk krijg ook ik een opvallende politieauto ter beschikking. De meldkamer-man is blij met mijn bereikbaarheid voor de incidentenafhandeling. Hij heeft immers niemand meer ter beschikking op straat. Alle collega's zijn bezig met de afhandeling van de aanhouding van de verdachten. 

Ik haal snel mijn collega vanaf een ander bureau op en zijn dan volledig inzetbaar. We krijgen een paar meldingen van verdachte situaties die achteraf niets hebben betekend, blijkt ons na controle.

Dan krijg ik intern via het bureau de vraag om een kassière te gaan horen i.v.m. de aangehouden verdachten. Zij blijkt dan al naar huis te zijn gegaan. Ik meld deze klus aan de meldkamer. De meldkamer-man geeft onder voorbehoud toestemming want er is nog steeds geen andere surveillance beschikbaar. Mocht de nood aan de man komen dan moet ik het verhoor afbreken. 

In haar woning horen mijn collega en ik de kassière. Zij is in de winkel door een klant geattendeerd op een winkeldiefstal door de z.g. Notenbende. Deze hebben een hele kar vol met noten en koffie ingeladen voor een groot geldbedrag en zijn er gemoedelijk doch uiterst alert, tussenuit gepeerd. 

De kassière heeft alarm geslagen en gezamenlijk met haar collega's hebben zij de daders uit hun auto getrokken en in afwachting van de komst van de politie aangehouden. Daarbij zijn zij nog opzij gesprongen voor de vluchtauto. 

De twee collega motorrijders hebben veel verklaringen opgenomen van personeel en zijn direct na de gedane prioriteit 1 melding op eigen initiatief nagenoeg als eerste ter plaatse gearriveerd met een walm en geur van burning rubber op de dampende politie motorbanden.

Collega’s van de BT Opsporing worden geïnformeerd. De daders worden in verzekering gesteld. Dan begint de strijd op papier, de advocatuur, de tolken, het uitreiken van de rechten van de verdachte volgens nieuwe procedures. Alles moet in goed volgorde worden uitgevoerd en uitgereikt aan de verdachten anders krijgen we vormfouten en gaat de zaak linksaf.  De rechters zijn onverbiddelijk. Justitie en politie BT-Opsporing hebben een moeilijke klus in deze want de politie zal toch met het overtuigende en wettige bewijs over de brug moeten komen.

Later komen de arresterende collega’s terug van Maastricht. De middagdienst blijft onrustig. Ik krijg verzoeken om aandacht te geven aan vuurwerkoverlast met zwaar vuurwerk. In de betreffende buurt hebben mijn collega en ik ons een uur lang multitaskend opgehouden. In deze buurt hebben we ook nog hebben bemiddeld bij een drugs/psychisch probleem. Moeder zet zoon op straat. Hij wil niet geholpen worden, kennelijk. Ik ben benieuwd wanneer hij opnieuw in ons politie vizier terecht komt.

Verder nog in dezelfde buurt krijgen we nog een relatie probleem voor de kiezen waarin geen overwinning te boeken is. De rek is er allang uit in dit gezin. De bloedlijn is niet meer wat het geweest is, en zal niet meer verbeteren tot een algemeen aanvaardbaar familiair niveau.

Uren later terug aan het bureau zie ik de ochtenddienst motormuizen Paul en Karim nog druk typen. Zij hebben een bulk werk van de getuigenverklaringen en hun bevindingen van de winkeldiefstal die nog uitgewerkt moeten worden voordat zij naar huis kunnen gaan. Voor hun een veel te lange werkdag waar zij flink wat meer- of overuren op hun werkuren teller krijgen. Ze klagen niet. Het is nu eenmaal zo en soms is het niet anders. Een leuke treffende spreuk van de cursus Mentale Weerbaarheid.

Dan hoor ik dat andere collega´s weer aan de bak moeten met een opdracht om een verdachte te gaan aanhouden in een flat, ook nog tegen het einde van hun dienst. Ook zij klagen niet. 

Ik mag nog naar parkeerproblemen bij een Middelbare school, waar mensen denken hun auto´s uit hun handen te kunnen laten vallen tot frustratie in de buurt. Ter plaatse blijkt dat de meeste overtreders dan al weg zijn gereden. Normen en waarden in het parkeren kunnen altijd beter, toch!

Dan maken mijn collega en ik onze administratie op orde en krijgen we net voor einde dienst een melding van iemand die volgens zijn familie depressief is en best wel eens zelfmoord zou kunnen gaan plegen in zijn woning. Telefonisch contact is niet mogelijk. Het adres is nagenoeg onvindbaar. Een andere collega die nog in dienst is, rijdt uit collegialiteit en betrokkenheid nog even met ons mee.

We kloppen bij het juiste adres meermaals aan. Geen gehoor. Dan maar een telefoontje naar de depressieveling. En jawel hoor, de persoon meldt zich gelukkig bij ons aan de voordeur. hij is als herrezen uit zijn as en heeft absoluut geen planning op te houden met zijn leven, zo zegt hij. De familie aan de andere kant van de lijn is blij, gelukkig en opgelucht. Zij spreken elkaar telefonisch verder als wij in het holst van de nacht wegrijden richting bureau om status 5, einde dienst te kunnen geven.

De nachtdienst zal ons als middagdienst aflossen. Ook de nachtdienst collega's zijn ruim op tijd.

Dan weet ik niet wat er deze middag in de andere basisteams heeft gespeeld. Ongetwijfeld in mindere of meerdere mate van hetzelfde laken een pak. Dat hoor ik, dat weet ik, dat voel ik aan mijn theewater.

Soms valt het mee, maar altijd zijn we onder de mensen. Dat is mooi en goed zo! 

Saillant detail: De leden van de "Notenbende" zijn na hun voorgeleiding en inverzekeringstelling in bewaring gesteld voor maar liefst 14 dagen. Zij moeten zich nog vanuit detentie voor de rechter verantwoorden. Getracht zal worden om meerdere grove winkeldiefstallen in Limburg en Brabant aan hen te linken. Dit vergt nog een hoop onderzoek, maar deze bandieten zitten voorlopig opgehokt bij de politie.

Deze middag hebben we met zijn allen een klein crimineel korreltje zand in een grote woestijn onzichtbaar verplaatst. Maar wel zichtbaar gemaakt door dit verhaal.

Morgen is ons werkaanbod weer helemaal anders.





zondag 8 november 2015

Aangetroffen dode in het water en sociale media

Key to succes
Zomaar een ochtenddienst op 5 november waar ik gepland sta voor incidentenafhandeling. 

Om 06.30 uur sta ik paraat in full armor voor aflossing van de nachtdienst. Ik draai deze dienst met collega Armand, mooi. Ik bekijk eerst de administratie. Er zijn een paar adressen die aandacht vereisen i.v.m. inbraken, vernielingen, buitenlandse criminele aandacht en een adres i.v.m. loverboy praktijken. Multitasker als ik ben – ik kan bijna 2 dingen tegelijk- zal ik proberen aandacht te geven aan mijn gebied, als wijkagent wanneer de dienst dit toelaat.

Omstreeks 08.06 uur wordt er voor mijn wijkzaken roet in het eten gegooid en geeft de meldkamer een prioriteit 1 melding door. Er is een overledene in het Julianakanaal is aangetroffen door baggeraars die het kanaal aan het verbreden en aan het uitdiepen zijn. De melder staat nog op de locatie en de komst van de politie is nodig.

Armand en ik gaan meteen op weg en nemen nog de operationeel coördinator mee. Bijna ter plaatse geeft de meldkamer aan 2 andere surveillances een melding door van een zwaargewonde vrouw in een woning. Er is verder nagenoeg niets bekend. De andere collega’s kunnen deze taak goed aan. 

Armand en ik zouden hen graag willen assisteren. Helaas, deze keer kan het niet i.v.m. onze dode.

We rijden door en treffen op de locatie een groot baggerschip aan met langszij in het water een lichaam van een onbekende man. Achteraf blijkt de man al enige tijd in het water rond gedobberd te hebben.

Ik krijg een deja VU lang geleden met een vermoord meisje dat ik goed gekend heb, dat ook na speuren met een brandweerboot is gevonden in het water, niet ver hier vandaan. Ik heb haar toen meteen aan herkend, zoals dat in onze kringen heet. Een heel erg trieste geschiedenis nog steeds.

Terug weer naar hier en nu; er wordt de assistentie gevraagd van de brandweer. Zij komen per –auto en per -boot. Om de overledene aan wal te krijgen moeten we flink aan de bak door het lastige terrein en het niveau verschil. De collega’s van de Forensische opsporing onderzoeken de man om een misdrijf uit te sluiten. De man heeft van alles bij zich maar geen identiteitspapieren. Ik laat zijn lichamelijke toestand en andere trieste besognes weg uit dit verhaal. Niet mooi en niet prettig voor al onze zintuiglijke waarnemingen. De dood is nooit mooi of lief en het tijdstip van intreden duurt soms te kort of te langdurig bij lichamelijk of psychisch leed.

Dan ben ik zoals altijd weer heel blij met brandweercommandant Thei. Zijn doen en laten zijn van grote toegevoegde waarde. Hij handelt, denkt mee, adviseert, vraagt en pakt perfect aan en is met mens en materieel perfect voorbereid op elke job die hem en zijn brandweerteam te wachten staat. Ik denk dat als Thei niet bij de Brandweer zou hebben gewerkt dan beslist ergens anders in de hulpverlening. De brandweer is een heel belangrijke partner in de hulpverleningsketen.

Ongelofelijk hoeveel recherche- en hulpverleningsstappen rondom deze overledene ingezet worden. En dat pas na de ingetreden dood van een nog steeds onbekende. Dat hoort ook zo te zijn en te gaan in een modus van menselijkheid, betrokkenheid en professionaliteit.

Bij leven is er vaak geen of veel minder aandacht voor mensen in fysieke of psychische nood. Economische rendementen wegen in een spagaat met humanity, veel zwaarder.

We schakelen Real intelligence in en de buitenlandse politie instanties via de meldkamer. Want niemand kan en mag gemist worden. We komen niet achter de identiteit. De overledene wordt overgebracht naar een mortuarium voor verder onderzoek. 

Contact wordt er gelegd met de officier van justitie. Als na gedegen onderzoek blijkt er geen misdrijf is gepleegd wordt het lichaam vrijgegeven. Dit duurt nog een poos.

Een sleutelbos bij de overledene aangetroffen, wordt de “sleutel tot succes” richting bekend worden van zijn identiteit.
Armand en ik trekken vele tips en mogelijke treffers na. Zonder resultaat naar de identiteit vooralsnog.
Ik bel op verzoek van een collega uit Maastricht naar een adres waar een man vermist is. Ik vraag het familielid naar bijzonderheden van de vermiste. Dit vermiste familielid is niet onze overledene.

Ik weet dat een dergelijk telefoontje van de politie de gemoedstoestand aan de andere kant van de lijn kan opjagen. Ik probeer dit zo rustig als mogelijk te doen. Ik denk aan de door mij in te schatten emotie aan de andere kant van de lijn, dat het gelukt is om de rust te bewaren. Ook dit familielid wens ik verder sterkte en beëindig dan het gesprek.

Ik bekijk de politiesystemen aan het bureau. Echter er zijn zoveel vermissingen ongelofelijk in aantallen. Het rechercheren en zoeken is haast ondoenlijk, gelijk aan het zoeken naar een speld in een hooimijt. Gelukkig worden de meeste vermiste personen weer in levenden lijve aangetroffen en afgemeld in onze systemen. Sommigen blijven jaren als vermist opgegeven. Zwaar voor de achterblijvers. We doen wat we kunnen doen.

Een intelligence hit dirigeert ons met de sleutelbos naar de politie België te Liège / Luik. Vooral de vermissing en de Opel contactsleutel aan de sleutelbos zouden hier een treffer kunnen opleveren.
Met de police local gaan we naar de woning. Daar blijkt geen van de sleutels te passen op de huissloten. De foto’s aan het bureau doen ons standpunt versterken dat de overledene niet de vermiste man in België is.

Terug aan het bureau belt Armand met onze politie communicatie collega’s. Later is het mediabericht op L1 te lezen. Ik heb een foto gemaakt van de bos huissleutels die de overledene bij zich heeft gedragen. S-avonds na mijn dienst, plaats ik thuis de foto op mijn eigen facebook pagina en op de facebook pagina van mijn basisteam. Je weet maar nooit wie wat weet en niet geschoten is altijd mis. De foto is een open vizier en ik noem nog geen bijzonderheden. Het facebook bericht wordt meer dan 48.000 gelezen en meer dan 800 keer gedeeld.

De bos huissleutels, in combinatie met de sociale media, heeft opgeleverd dat de identiteit van de overledene nagenoeg dezelfde dag bekend is geworden. Dat noem ik pas een perfecte sociale media buurtparticipatie, chapeau.

De auto van de overledene staat desolaat op een parkeerplaats in de buurt van het kanaal. De Opel sleutel aan de sleutelbos past op het deurslot. Ook weer top-informatie die ons via het facebook bericht bereikt heeft. Laat in de avond wordt de mogelijke identiteit van de overledene bekend en nemen de collega’s van de nachtdienst de honneurs waar. Er worden verdere afspraken gemaakt over hoe te handelen.

Dan de volgende dag, 6 november. Ik lees de krant en zie het bericht van de overledene in het kanaal naast de reportage van de gewonde vrouw, waar verder nog een dode te betreuren is in de relationele sfeer.

Mijn collega’s hebben op het moment van optreden bij de gewonde vrouw in haar woning niet geweten of er nog ander dreigend gevaar of gevaarlijke gewapende figuren in het betreffende pand aanwezig zouden kunnen zijn. Zij hebben doorgezet en hebben minutieus met inachtneming van de veiligheidsaspecten alleen maar goeie keuzes in hun politie optreden gemaakt. Ga er zelf maar eens onvoorbereid op de consequenties, aan staan.

We kunnen stellen dat 5 november een drukke dienst is geweest voor de politie waarin onze collega’s van de recherche ook nog zijn ingeschakeld.

Een hele sterke schakel van samenwerking en vakmanschap tussen alle hulpverleningsdiensten en politie. We hebben voor de maatschappij weer iets kunnen betekenen, mooi zo.

Vervolgens > back to police business as usual < toch! 

woensdag 28 oktober 2015

Wounded Warriors

vorige week heb ik een aparte casus behandeld samen met collega Tom tijdens onze incidenten afhandelingsdienst. Ik kom daar zo meteen op terug.

Op de morgen van 25 oktober 2015 is de wintertijd ingegaan. Buiten is het zacht, droog en aangenaam weer, weer. Ik trap op de pedalen van mijn psychologische metalen metgezel, mijn Batavus fiets, alias GI, de kilometers weg onder mijn zadel en nader snel mijn plaats van tewerkstelling.  Ik dacht altijd dat GI een afkorting was voor general infantery maar helaas het is galvanized iron. Dit terzijde.

Plots draai ik met mijn stuur een grote doorgaande weg naar het centrum in, GI volgt mijn inspanningen gedwee. Het lijkt wel of de zon schijnt en mij verwarmt. Dat is niet zo, het is de zachtgele lantaarnverlichting die mij verwelkomt en mijn gestalte uittekent als een donker silhouet op het fietspad onder mij. Dat silhouet beweegt zich even snel voort als ik, hoe hard of langzaam ik ook fiets.

In de verte zie ik de tenten van de Oktoberfeesten. Ze zijn verlicht als een aureool boven de stad. De mensenmassa's zijn vertrokken om hun accu op te laden of hun roes uit te slapen. Het is muisstil op een aangename manier. Dan kom ik een voetgangster tegen met in haar bijzijn een grote hond die zijn ochtend routine uitvoert en doet wat iedere hond doet. Ik vraag mij af of zij net uit bed komt of mogelijk heeft deelgenomen aan de festiviteiten in de bruisende stad, die nu slaapt of in een te kort coma ligt.

Wat hebben we het toch goed in Nederland. Een bruisende stad vol met drank en plezier. Op het bureau hoor ik dat er diverse aanhoudingen verricht zijn i.v.m. drank, belediging aan het adres van mijn collega’s en mishandelingen et cetera. Deze daden moeten vanmorgen worden afgewerkt door mijn collega’s van de afdeling Opsporing. Er zullen wel verdachten zijn die nu ontnuchteren en een minimale financiële kater overhouden aan hun verderfelijke acties van vannacht. Misschien ook nog een "warm" onthaal thuis door het ongeruste gezin. Wellicht moeten sommigen op de spreekwoordelijke blaren gaan zitten.

Aan het bureau word ik belast met de binnendienst intake, moeilijk maar ook mooi politiewerk.

Deze inleiding staat haaks op de casus die ik afgelopen week heb meegemaakt. Collega Tom en ik worden door de meldkamer gedirigeerd naar een kerkdorp in ons Basisteam. Dit dorp ligt een stukje uit de buurt van het stedelijk gebied. Er is iets aan de hand met een waardevol transport en politie assistentie is daarbij noodzakelijk. Op de bedoelde locatie gekomen is er sprake van een technisch mankement. De waarde auto kan niet wegrijden i.v.m. malheur en de tweede man staat in de kou en regen te vernikkelen en kan niet instappen. 

Assistentie van het moederbedrijf is noodzakelijk om alles weer aan het rollen te krijgen. Hun werkzaamheden lopen een flinke achterstand op. Het is niet anders. Tom en ik beveiligen de plaats. De weg is druk met verkeersverplaatsingen. Tja, het regent en niemand mag ten slotte nat worden. Dan maar benzine erdoorheen jagen in warme knusse blikken van auto's. 

Ik raak in gesprek met de werknemer die nu buiten staat te vernikkelen. Hij heeft korte mouwen aan en is niet voorbereid op een flinke wachtpartij buiten zijn warme Transporter. Ondanks het feit dat de kou zijn lichaam teistert geeft hij geen kik, zijn kippenvel op zijn armen en bleke gezicht doen anders vermoeden. Hij heeft een verweerd en gegroefd gezicht. Wanneer zijn persoonsgegevens genoteerd worden voor onze bureaucratie blijkt dat ik hem zeker 10 jaar ouder ingeschat heb dan dat hij werkelijk is.

Zijn huidige werk doet hij pas sinds korte tijd. Hij is afgezwaaid uit het leger en is twee keer op uitzending geweest in Afghanistan. Tijdens zijn eerste uitzending heeft hij de leeftijd van 18 jaar. Hij heeft een leuk Brabants accent en lacht veel alsof het allemaal normaal is wat hem overkomt en niets uitmaakt. Zou het kunnen dat hij een lolbroek is, ik zie verdriet en leed in zijn ogen, ik zal me wel vergissen of toch niet! Zouden droge tranen bestaan?

Ik vraag hem of hij zijn tijd in Afghanistan goed is doorgekomen. Dat valt wel mee, antwoordt hij. Mijn moeder heeft zich dood verschrokken toen ik na de eerste uitzending thuis ben gekomen zegt hij. Minimaal 10 jaar ouder geworden is haar reactie bij het weerzien van haar soldaat en-kind.

Vroeger een feestbeest en nu behoorlijk volwassen geworden, zegt hij. In het zuiden van Afghanistan heeft hij patrouilles gereden en gelopen en is hij behoedzaam genoeg geweest. Hij heeft zwaar onder vuur gelegen in dat broeiende, hete land en hij heeft meegemaakt dat een kameraad op een berm-bom is gelopen waarbij de onderste helft van zijn lichaam is afgerukt. De Afghaanse mensen die hij is tegen gekomen zijn gehard in hun povere bestaan. 

De mensen in Afghanistan hebben geen tranen meer over. Hij heeft gezien dat orde handhavers kinderen hard in gezicht hebben geslagen met stokken. De kinderen hebben geen kik gegeven en verdragen alle pijn die hun steeds maar weer wordt aangedaan. Daar is geen ontkomen aan. 

Gevangenissen daar hebben een soort van Heras hekwerk. Daar kun je gemakkelijk aan ontkomen. Echter bij diefstal wordt normaliter volgens de rechtsplegingen een hand afgehakt. In dit soort gevangenissen heeft hij vele verminkte mensen gezien die soms geen handen meer hebben.

In Afghanistan groeit de ordeloosheid weer en vergroten de stammen weer hun macht en territoir. Militaire uitzendingen en Missies zijn een druppel op een gloeiende plaat en hebben ook bij de interventie krijgsmachten veel bloed, zweet, tranen, ledematen en levens gekost.

In Nederland heerst op dat gebied een humaan klimaat.

Ik vraag hem hoe hij dealt met zijn oorlogsherinneringen. Hij komt nog af en toe samen met lotgenoten, maten uit het leger. Dan praten ze veel en dat doet hem toch wel goed. Voor buitenstaanders is het moeilijk om begrip te hebben of voldoende inlevingsgevoel. Hulp zal hij zeker vragen mocht hij deze nodig hebben. Daar is hij niet te trots voor, zegt hij tegen mij. Hij kent de nodige gevallen van PTSS onder zijn kameraden. In dit korte gesprek deelt hij mij slechts een paar highlights mede. hij zal veel meer meegemaakt hebben! Daar ben ik van overtuigd.

Ik vertel de Brabander nog dat ik op mijn Facebook pagina bevriend ben met Wounded Warriors. Piet Heuts –zo lees ik vaak- is de grote initiatiefnemer. Piet Heuts helpt waar hij kan, ook vergezelt hij Wounded Warriors / militairen die in rechtszaken verwikkeld zijn om hun gelijk te krijgen met uitkeringen en PTSS gerelateerde procedures als hun steun en toeverlaat. Chapeau Piet Heuts, hiervoor.

De Brabander zegt dat dit een goed initiatief is en hij zal indien voor hem nodig, ook hulp inroepen. Hij steekt zijn zoveelste sigaret op en lacht nog wat alledaagse zaken weg. Alles komt goed, zegt hij.

Een medewerker van het moeder bedrijf komt met apparatuur en even later is de Brabander zich aan het opwarmen in de Transporter. Hij lacht alweer. Ik hoop dat met hem “alles good kump”!

Ik denk en verwacht dat zijn moeder elke dag opnieuw weer bezorgd is over haar spruit. Ik denk dat het monster van PTSS hem om zijn nek hangt. PTSS daar vraag je niet om dat overkomt je, helaas.

Het ga je goed Brabander! Denk ik en zwaai naar hem als hij in de Transporter wegrijdt. Zoals hem zijn er vele lotgenoten. Ik wens hen alle kracht en bijstand die zij nodig kunnen hebben.

In overleg met Piet Heuts van Wounded Warriors en met zijn toestemming mag ik iets vertellen over deze non profit organisatie, wat ik dan ook graag doe,

Wounded Warriors Netherlands is er voor alle - wel of niet - lichamelijk en of psychisch gewonde (ex-)militairen/(ex-) geüniformeerde, diens gezin/familie en directe sociale omgeving. Dus ook voor politie, ambulance en brandweer.

WWNL is er op gericht om haar leden op een actieve en aansprekende wijze te stimuleren om een negatief levenspatroon stap voor stap om te bouwen tot een meer zinvol en gezond bestaan.

Kernwoorden WWNL: Menselijk, Positief (I CAN) Laagdrempelig, In de maatschappij, Altijd dichtbij.

Via internet: www.woundedwarriors.nl

Mensen in uniform beschermen alle anderen, vooral de categorie zonder uniform, 

zondag 11 oktober 2015

Aanklacht corrupte politie!

Is uw politie corrupt? Dit i.v.m. de aanhouding van een Weerter politieman.

Er zijn landen met totalitaire regimes waarvan ik meteen zeg dat is een en al corruptie, moord, drugskartels en doodslag. Gisteren heb ik gelezen op Twitter en in de media dat er een collega is opgepakt voor lekken van vertrouwelijke politiegegevens aan criminelen. Ook is er een grote som geld in zijn woning aangetroffen.

De politieman zou vermoedelijk al jaren tegen betaling geheime informatie gedeeld hebben met criminelen volgens de journalisten. Verder nog heeft hij contacten met criminele motorclubs en internationale drugsorganisaties.

Gerrit van der Kamp van de ACP spreekt van een nachtmerrie die ingeslagen is als een bom in onze blauwe politiefamilie. Dat is ook zo. Dat wordt overal in den lande gevoeld.

Advocaten zijn niet verbijsterd hierover en delen on passant mede dat criminele organisaties over grote financiële middelen beschikken. Dat maakt omkopen van politiemensen kennelijk ongecompliceerd, investeren in petten noemen de advocaten dit. 

Politiemensen zijn gevoelig voor het grote geld want politiemensen verdienen het zout in de pap niet meer. Frustratie over het werk en tegenwerking vanuit de politieleiding maakt de verleiding veel te groot voor omkoping. In een adem staat in het krantenartikel dat politiemensen niet vaak getrappeerd worden voor omkoping! Bewijs is moeilijk aan te tonen. De advocaat zegt in het staartstuk van zijn populistische uitlatingen dat er veel meer aan de hand is bij de politie en dat dit slechts nog het topje van de ijsberg is.

Ik zelf loop al heel wat jaren mee in blauw. Gelet op de bewoordingen van de advocatuur ben ik erg naïef en zal wel oogkleppen op hebben. Ik werk hard voor mijn salaris. Als ik om mij heen kijk dan doen mijn collega’s dit ook. Ik zie geen extreme losbandigheden of financiële uitspattingen van jewelste op economisch gebied binnen ons korps. Dan zal ik al ziende, nagenoeg blind zijn.

Uw politie doet het gevoelsmatig, althans mijn gevoel en inborst galoppeert in deze gedachte met mij mee, nooit goed. Wat we ook doen met de meest mogelijke betrokkenheid en elan, we doen het nooit goed genoeg. We blijven wel volharden in onze opstelling om het goed te doen ook al zit alles ons tegen. 

Ook al wordt uw politie volgestort met problemen die niet bij ons thuishoren. Wij adviseren toch graag waar u dan wel moet zijn met uw andere- dan politieproblemen.

Bij de bakker laat u toch ook niet uw auto repareren.

Wij proberen zoveel mogelijk hoor en wederhoor in ons politie DNA in te lijven en te verkondigen. 

Desondanks wordt nee zeggen tegen klanten niet geaccepteerd en worden oplossingen gezocht in de beroeps- en bezwaar mogelijkheden volgens de wet. Dat maakt talloze maatschappelijke verwikkelingen difficiel, maar ook voor ons steeds weer een nieuwe aansporing om beter te presteren.

Hoor en wederhoor toepassen is steeds weer moeilijk vooral als het de publieke opinie aanbelangt. Ons land heeft veel bondscoaches die het allemaal beter weten. In het krantenartikel aan gaande de omkoping ligt een zweem van achterdocht en foutief politieoptreden. De advocaten die nu fel gekant zijn tegen de kennelijke politie misstap, zitten wellicht binnenkort zij aan zij met de aangeklaagde!

Het zou zo maar kunnen dat we diep in ons eigen politievlees moeten gaan snijden, het zij zo. Maar wel volgens onze democratische beginselen en grondwet. Iedereen is pas schuldig na veroordeling na rechterlijke uitspraak. Ook iemand uit onze blauwe familie die bijkans al aan de schandpaal genageld is.

Op dit moment ben ik niet bang voor vergeldingsmaatregelen voor politiemensen in de eerste lijn op straat. Er zijn medestanders genoeg voor uw politie. Onze tegenstanders helaas, die kunnen nu garen spinnen en twijfel en beter weten in iedere politie confrontatie gaan strooien. Maar weet, uw politie is niet corrupt noch chantabel.

Luctor et emergo. We worstelen maar komen toch weer boven ook deze flexibiliteit zit ingebakken in onze politie-genen. Ook met vermoedelijke omkopingsschandalen door eigen vlees.

Dan bedenk ik mij ineens het jaar 1986 tijdens mijn politie B-examen mondeling in Tilburg. Ik krijg onverwacht een vraag over het oorlogsstrafrecht. Het gaat om een casus die ik gelukkig ken. Het Weerter werkers arrest. Alweer de plaats Weert genoemd. Toeval bestaat dus toch.

Iemand heeft tijdens de WOII verraad gepleegd waarna mensen zijn opgepakt. Alleen het verraad is gepleegd onder bedreigingen door de bezetter om verdachte zijn gezin te doden. Dit is een bijzondere reden die uiteindelijk tot vrijspraak van de mogelijke oorlogsmisdadiger heeft geleid.


Mochten er problemen zijn die u niet kunt oplossen, schroom dan niet om de politie te informeren. De politie zal er aandacht aan geven en zo mogelijk adviseren, ook ondanks onze cao perikelen, verkopen we nooit neen. 

Ik wens jullie een fijne dag, gr Han


woensdag 7 oktober 2015

Drank en letsel

Tijdens een van mijn diensten heb ik een aparte casus meegemaakt. Het voorval is medisch gezien 100 procent onverantwoord voor en door de betrokkene. Maar wel komisch, dramatisch, en zielig tegelijk. In een pokerspel heet zoiets, three of a kind!

Mijn collega Jolanda en ik krijgen tijdens onze nachtdienst een melding dat er een man op straat ligt in een grote plas bloed en dat hij erg agressief is. We weten niet wat we ervan moeten denken. Dus rijden we heel snel naar de opgegeven locatie. Daar zien we drie behoorlijke bloedplassen op straat liggen en een man op zijn rug. Hij is bij kennis alhoewel met onsamenhangende spraak en wild-woeste ogen. Zijn haarbos lijkt gedrenkt te zijn in gestold bloed, geen mooi gezicht. Het kunstlicht van de bij-schijnende lantaarnpaal maakt e.e.a. visueel ietwat luguber. Een taxi chauffeur en een omstander staan erbij en hebben meteen de spoedhulp van politie en ambulance gealarmeerd via 112.

Eigenlijk een voorval dat een groot rechercheonderzoek zou rechtvaardigden als niemand op dat moment bij het slachtoffer zou zijn was geweest om de gebeurtenis nader toe te lichten.

De gewonde man is volgens de taxichauffeur uit de taxi gestapt en achterover gevallen op straat, op zijn achterhoofd. De taxichauffeur heeft nog tegen hem gezegd te wachten omdat hij hem zou willen ondersteunen bij het uitstappen. Oost Indisch doof om niet te luisteren en te wachten op naasten-hulp. De man is behoorlijk in de olie en gedraagt zich zelfs voor een zatlap wel heeeeeeel erg vreemd.

Hij zegt herhaald dat hij naar huis, naar zijn Staartje, wil gaan. Staartje blijkt achteraf zijn hond te zijn. De man heeft mogelijk een hersenschudding opgelopen door met zijn bulles op de macadam te caramboleren en moet daarvoor mee naar het ziekenhuis. Hij kan niet lopen noch opstaan. Met zachte drang wordt zijn willoos vlees hij op het brancard geheven en gefixeerd met riemen en een nek-brace. Met de nodige weer- en tegenstand lukt dit toch nog. Een veilig transport naar het ziekenhuis kan nu gegarandeerd worden. De ambulance rijdt in de holst van de duisternis naar het ziekenhuis met de patiënt annex lastpost.

Ik heb het gevoel dat het met deze lastpost in het ziekenhuis niet anders zal verlopen dan hier en nu op straat. Wat drank al niet kan doen met een mens ten nadele van zijn eigen gezondheid. Jeetje.

We zullen vannacht ongetwijfeld nog van hem horen, zo bespiegelt mijn voorgevoel met me mee op mijn schreden. Een zus van hem blijkt een paar huizen verderop te wonen. Op ons aanbellen wordt het slaapkamerraam geopend. De vrouw roept ons toe dat haar broer vaker dronken is. Het is kermis in dit kerkdorpje en dan wordt als vanouds flink gedronken. Vooral door haar broer. Zij zal zich over Staartje, de hond, ontfermen. Zij is niet ongerust, zeker een ervaringsdeskundige.

En jawel hoor, later in de nacht krijgen we zoals min of meer verwacht, een melding over dezelfde man maar nu vanuit het ziekenhuis. Hij heeft zichzelf ontslagen uit zijn medische care en is naar buiten gewankeld! Echter zonder succes. Buiten is hij opnieuw op zijn buts gevallen en alweer voor passende medische zorg terug in het ziekenhuis. Hij wil nog steeds maar een ding, naar Staartje gaan. Hij is nog steeds zeer lastig en weerspannig op alle aangeboden hulp.

De man blijkt na zijn tweede valpartij zo goed als handelingsonbekwaam en een duidelijk geval voor de hulpverlening dan wel de psychiatrie. In het ziekenhuis zijn twee artsen in opleiding die hem niet kunnen laten gaan maar ook geen raad met hem weten. Na ruggespraak met hun meerdere, de piket hoofdarts of een dergelijke functionaris-coach, blijkt dat deze niet voor nader onderzoek wil komen opdraven, omdat de man dronken zou zijn. Een waarlijke visionair.

Dus dit zou opnieuw een probleem moeten opleveren dat bij de politie weggezet moet worden i.v.m. openbare dronkenschap. Dit terwijl hij in het ziekenhuis aanwezig is en niet in het publieke domein aanwezig is!

Helaas, maar daar gaan wij dus niet in mee. Met gewonde mensen kun je niet gaan leuren, lijkt me. Stel je voor er gebeurt met de patiënt tijdens zijn vervoer in de politieauto een medische complicatie. Wat dan? De piketarts heeft daar kennelijk geen wetenschap aan en schuift de zaak af op zijn artsen in opleiding.

Wij hebben de man uiteindelijk toch achter kunnen laten in het ziekenhuis, omdat hij daar volgens ons thuishoort. Wij vinden trouwens dat er al voldoende tijd is gespendeerd aan dit oneigenlijk politiewerk, zoals al zo vaak de laatste tijd. Touwtrekken met psychisch- en gewonde mensen en protocollen kost steeds meer kostbare politietijd. Tijd die we dan niet kunnen inzetten voor de veiligheid in ons werkgebied of waar dan ook in de openbare- publieke ruimte.

Na het maken van de nodige röntgenfoto's blijkt dat de man mogelijk een hersenschudding heeft. Hij krijgt een verplicht wekadvies. Verder heeft hij een bloeduitstorting of een bloeding dan wel opeenhoping van vocht in zijn hersenpan opgelopen. Dus verdere noodzaak om hem terzijde te staan in een puur medische omgeving is geboden en urgent.

Er is veel te zeggen over de veelvoud aan protocollen in het ziekenhuis. In dit geval kan ik echter alleen maar respect hebben voor de verpleegsters van de eerste hulp en verder voor de artsen in opleiding.

Daarnaast dient vermeld te worden dat mijn collega Jolanda zich als een echte volleerde Florence Nightingale dienstbaar opstelt en de “patiënt” rustig en in toom heeft weten te houden. Zij kijkt naar mogelijkheden en niet naar eventuele beperkingen of onwerkbare aanpak en protocollen.

De verantwoordelijke arts op afstand heeft het niet nodig gevonden om persoonlijk poolshoogte te komen nemen. Hij heeft alles op de schouders van zijn ondergeschikten en politie proberen af te wentelen.

Mijn opvatting dat de mens in nood niet altijd centraal staat maar wel gemakzucht, hiërarchie of geld, komt latent in mijn gedachtestroom bovendrijven. Ondanks de afgelegde eed van Hippocrates.

Ik heb mij bovendien afgevraagd of medische- psychiatrische care afgewenteld kan of mag worden op de politie. Dat wij daarbij helpen, sturen en bijstaan mag duidelijk zijn.

Het politie buikgevoel en onze ervaringen in het zorg circuit geven voldoende aan dat we het geregeld bij het rechte eind hebben m.b.t. psychiatrische gevallen die voor onze neus opdoemen waar en wanneer dan ook.

Met het imago van de Nederlandse politie is niets mis gezien onze kennelijke onmisbare hulp in het medisch circuit. In welk ziekenhuis dit voorval plaatsvond, dat doet er niet toe. Alle medewerkers in het ziekenhuis en mijn collega's en ik hebben ons uiterste best gedaan. Dat heeft gewerkt, en juist daar doen we het voor. De man is in het ziekenhuis achtergebleven.

De Nederlandse artseneed (2003) afgeleid van de eed van Hippocrates
#Ik zweer / ik beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten. Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen. Ik luister en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik zal de geneeskundige kennis van mijzelf en anderen bevorderen. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. Ik zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen. Ik maak geen misbruik van mijn medische kennis, ook niet onder druk. Ik zal zo het beroep van arts in ere houden.
Dat beloof ik; Zo waarlijk helpe mij God almachtig.

De eed van Hippocrates lijkt eigenlijk op het belangrijkste artikel voor de politie:
#De politie heeft tot taak in ondergeschiktheid aan het bevoegd gezag en in overeenstemming met de geldende rechtsregels te zorgen voor de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven.


Wie er het beste uitsprongen is? Ik denk Staartje.

donderdag 17 september 2015

Een hoge berg

Het begin van mijn politiële route.

Jawel hoor, bij de boerenpolitie zoals de collega's van de gemeentepolitie ons rijkspolitie jongens en meisjes gekscherend noemen, ben ik begonnen.

Een humoristisch wapenfeit; wij van de rijkspolitie zijn in heel Nederland bevoegd tot ambtshandelingen. De collega's van de gemeentepolitie slechts tot aan hun gemeentegrenzen. 

De keerzijde van onze bevoegdheid is dat wij Schiphol moeten bewaken. Dus vaak van huis en verplicht logies op de Sarfatiestraat in Amsterdam, het landelijk bolwerk van vele rijkspolitie detachementen.

Op een mooie zomerdag bezoek ik samen met mijn gezin de omgeving van mijn eerste plaats van tewerkstelling bij de politie in het Mergelland van Zuid Limburg.

De hele wandelroute is te betitelen als een kleurrijk oogstrelend panorama. Zoveel fauna pracht als wij ontmoeten bij elke stap, ongelooflijk mooi. Frappant is dat ik in mijn prille politie diensttijd vaak over binnenwegen gereden ben, waarvan ik elke hobbel en bocht nog steeds ken. 

De rijkspolitiemensen rijden in de G.s.a (volkswagenbus) ons feitelijke politiebureau op straat inclusief kantine. Achter in deze bus, de zitbanken en ook nog een klaptafeltje voor een bijna motorkap overleg of om schrijfwerk bij een aanrijding te kunnen optekenen. Of de patates frieten te verorberen. Een lamp verzorgt de visualiteit en plicht makende gezelligheid bij onguur weer, regen en stormachtige wind, alsof je op een boot op een woeste zee zit, zo wiegt de g.s.a. mee.

Onlangs tijdens een wandeling pas ben ik erachter gekomen dat ongeveer 50-100 meter opzij van de zo vaak gekozen binnenweg, een mooie nostalgische veldweg ligt. Bijna onaangeroerd met langszij de meanderende stroom, de Gulp. Deze veldweg ligt in het weidse veld tussen de koeien en hun flatten. Een mooi schouwspel om mee te maken, ongeacht het weertype, altijd weer een mooi panorama met glooiende hellingen en inheemse bomen.

Mijn toenmalige werkgebied is te betitelen als zeer rustig. Niet veel brengwerk aan de vele dorpse thuisbureautjes maar wel veel haalwerk op- straat voor de enthousiaste jonge collega's. Een waar paradijs voor iedereen om er te werken en zijn ding te doen.

In deze tijden kan geen enkele rijkspolitiepost de politie "broek" alleen ophouden en is samenwerken met alle collega's in het Mergelland noodzaak. Zomers is het heel druk door Hollandse toeristen, bouwvakkers en campinggasten in het hele Mergelland.

Door het grote gebied en de grote verscheidenheid loop je als diender regelmatig tegen rare, vaak bizarre gebeurtenissen aan. Vaak zonder- maar af en toe doorspekt met geweldsituaties.

Terug naar mijn wandeltocht komen mijn gezin en ik wandelend in Slenaken aan en nemen daar plaats op een terras van een etablissement aan de voet van een hoge berg. Tegenwoordig is deze zaak veranderd in een zelfbediening. Vroeger overvolle terrassen zonder een plekje vrij. Tegenwoordig zitten er nog maar een paar bezoekers.

Aan ons oog paradeert een stoet van ouderwetse bromfietsen met de bekende prachtige knetterende geluiden van de historische merken Yamaha, Kreidler en Zundapp, voorbij.

Om na een paar minuten opgevolgd te worden door een stoet van oude auto's van meer banaanachtige uitvoeringen uit de jaren 50. Allemaal zonder dak. Het zonlicht tikt op de vele kale kruinen, de dames dragen een helm en grote zonnebrillenglazen op hun neus.

Plots, op dit terras neemt mijn herinnering een loopje met me terug naar het verre verleden naar een situatie van geweld. Ongeveer 37 jaren geleden alweer hebben er een aantal activiteiten plaatsgevonden die de assistentie van de rijkspolitie noodzakelijk maken. Namelijk op een uitgaansavond midden in het vakantieseizoen is het een drukte vanjewelste en wordt er flink alcohol geconsumeerd.

Mijn collega's en ik krijgen een melding van een caféruzie. Meteen zijn we met meerdere surveillance eenheden erheen gespurt en hebben er huisgehouden en de ruziënde partijen gescheiden. Ik weet helaas de aanleiding nu niet meer. Wat ik mij wel nog kan herinneren is dat Bier en Bacchus van de partij zijn geweest als hoofd act.

De wapenstok heeft er flink gezwaaid. Zonder veel pijn te veroorzaken. Enerzijds door overvloedig alcoholgebruik en anderzijds is de wapenstok van toen als slap materiaal te betitelen. Door onze snelle komst en het kordate gezamenlijke optreden wordt de openbare rust en orde in ere hersteld. We zijn die nacht niet meer terug hoeven te gaan.

In die goede oude tijd van toen zijn er nog geen lessen IBT in het omgaan met geweldsmiddelen. Handboeien, waarvan een paar in de dienstauto ligt, zijn nog lang niet op de man of vrouw verstrekt.

Zoveel agressie is er eenvoudigweg nog niet in deze plaatsen en tijden! Pepperspray moet nog uitgevonden worden. Ons pistool, de FN = Fabrique Nationale d'Armes de Guerre is in feite een historisch wapen met drie veiligheden.

Als ik terugdenk dan heb ik in tal van die rustige vredige dorpjes in het hele Mergelland vaak trieste en meedogenloze situaties van mens en dier meegemaakt, dat dan weer wel. 

De politie van toen is veel op de weg en daardoor zichtbaar en aanspreekbaar. Zijn we toen nuttig bezig geweest voor de maatschappij? Dat is de hamvraag. Ik zelf denk van wel.

In deze oude tijden kennen we onze pappenheimers en staan we met ons bureau op straat, er vaak alleen voor in de middle of no-where. De botte bijl wordt slechts zelden gehanteerd. Back-Up is er eenvoudigweg niet. Veiligheid staat voorop zonder goede verbindingsmiddelen in dit heuvelige landschap of überhaupt een draadloze telefoon.

Tijdens mijn politie opleiding heb ik met klas D in 1977 deelgenomen aan de hardingsdagen. Net als die bromfietsen en oude auto’s zijn wij op oude fietsen zonder versnellingen het Mergelland doorgejaagd over vooral hoge bergen of bergjes, waaronder deze berg waar we gekraakt en gevloekt hebben.

Begin jaren 80 is er door de regering behoorlijk bezuinigd op de politie uitgaven en zijn we ook vele jaren achtereen in loon achter gesteld. Deze tijdelijke maatregel is toen door de politiek omgezet in een wet en dit alles heeft ongeveer 5% achterstand ten opzichte van het bedrijfsleven opgeleverd.


Nu alweer moet de politie opboksen tegen een salaris stilstand die eufemistisch als errug vreemd te betitelen is. Ik rook niet, dus ook een sigaar uit eigen doos lust ik nog steeds niet,

De cao onderhandelingen blijven voortduren en het wordt steeds grimmiger in de maatschappij

zaterdag 22 augustus 2015

Kalasjnikov, een dodelijk vuurwapen



De vraag is niet of een politieman of -vrouw in aanraking komt met een persoon met een vuurwapen maar wanneer. Ooit overkomt het je. Vaak onverwacht met een ongekende levensbedreigende impact. Hopelijk is op een dergelijk moment het geluk aan je zijde, samen met je tools van professionele alertheid.

Het kan altijd gebeuren, aangestuurd door de meldkamer of op eigen initiatief wanneer een auto gecontroleerd wordt waarvan vooraf onbekend is wat de inzittenden, buiten de kentekenhouder, op hun kerfstok zouden kunnen hebben. Tijd om alles vooraf te checken behoort niet altijd tot de mogelijkheden.

Bij de incidentenafhandeling ben je meestal met zijn tweeën onderweg en kun je afspraken maken. Wie spreekt aan en wie observeert de te controleren personen in de hedendaagse jungle die openbare ruimte heet. Solo motor rijdende collega’s krijgen het voor hun kiezen. Normaliter geen back-up in de buurt.

Gezond boerenverstand en de nodige voorzichtigheid begeleidt ons op het pad van gerechtigheid.

Uit woningen heb ik zelf vele vuurwapens uitgehaald, wanneer er een vuurwapen voorhanden is. Afgedekt met machtigingen tot binnentreden wordt dan een onderzoek ingesteld en het noodzakelijk kwaad achterhaald al dan niet na zoeking en vordering tot uitlevering van het dodelijke spul.

Als wijkagent ben je vaak alleen op pad in de toegewezen buurten of daar waar nodig. In drukke maar ook in rustige wijken, ligt het gevaar op elke hoek op de loer. Elke buurt heeft zijn criminele aandachtspunten.

Ooit ben ik bij een dergelijk - crimineel krenten in de pap - adres uitgekomen voor het betekenen van een brief van justitie over een zitting o.i.d. Degene aan wie de betekening gericht is, heeft tot dan toe niet gereageerd.

Uiteindelijk komt het justitiële stuk bij mij terecht. Ik ga in uniform gekleed naar deze woning. Op dit adres hebben zich in het verleden tal van illustere zaken afgespeeld die door justitie en politie zijn opgepakt. Zware criminele zaken. Er staat een grijze bedrijfsbus op de oprit. Vreemd want een dergelijke bus heb ik daar nog nooit gezien. Op aanbellen wordt uiteindelijk gereageerd.

Door een kerel met een granieten kop –als uit een strip verhaal- wordt de deur geopend. Ik ken hem niet. Wat moet je hier, vraagt hij. Ik vraag of hij de bewoner is. Ik weet dat hij niet de bewoner is. Ik krijg geen duidelijk antwoord. Ik word niet uitgenodigd om binnen te komen. De deur blijft op een kier geopend. De granieten kop is niet vereerd met mijn bezoek. Hij vraagt weer van; wat kom je doen. Ik zeg hem dat ik de bewoner moet hebben en dat ik aan hem geen uitleg verschuldigd ben over het waarom. Het gesprek gaat stroef. Ik blijf nonchalant maar innerlijk tot het uiterste gefocust. Je weet maar nooit.

Ik maak geen aanstalten om mijn zin door te drijven. Noch maak ik aanstalten om naar binnen te gaan. Ik weet niet wat mij daar eventueel te wachten zou staan. De bewoner is er niet. Ik heb verder geen rechten en dus vertrekt deze politionele postbode weer, terwijl mijn innerlijke alarmbellen blijven rinkelen. Ik ben ervan overtuigd gezien mijn eerdere ervaringen dat hij niet alleen is in dit wespennest. De granieten kop zegt niet te weten wanneer de bewoner terug komt.

Ik noteer het kenteken van de bedrijfsbus op de oprit. Op het bureau maak ik in ons bedrijfsprocessensysteem een melding aan waarin ik het kenteken noteer. Ik ga dan weer over tot de orde van de dag.

Een tijdje later word ik gebeld door een recherchedienst. Zij hebben mijn bericht gelezen. Het kenteken en de locatie hebben geleid tot een hit en een prangende vraag. Zij vragen mij naar bijzonderheden en ik krijg het signalement van de kentekenhouder te horen. Alle signalement gegevens blijken te kloppen met mijn eerdere bevindingen van de granieten kop.

Het is een moordenaar die is veroordeeld en ontsnapt is en nog 13 jaar gevangenisstraf moet uitzitten.

Ik realiseer mij dat als die persoon zich bedreigd had kunnen voelen door mijn aanwezigheid en dat hij mij snel had kunnen afknallen. Dat afknallen gaat eenvoudiger vooral als je al eens iemand hebt vermoord, lijkt mij.

Een politie-uniform laat sommigen in de stress, rare sprongen maken om uit handen te blijven van politie en justitie. De granieten kop heeft de rust bewaard. Ik vraag mij alleen af wat hij in zijn hand heeft gehad achter de deur. Wie zal het zeggen!

IBT dag.

Waarom vertel ik deze inleiding? Door de IBT lesdag. De wereld ligt nog steeds onder een vergrootglas van terrorismedreigingen. De vraag is wanneer Nederland het doelwit zal gaan worden. 

Kijk maar naar de helden die de treinterrorist in de THALYS van Amsterdam naar Parijs buiten gevecht hadden gesteld nadat de terrorist zijn Kalasjnikov op de wc heeft doorgeladen. Dat klik geluid herkennen slechts sommige professionals waaronder de Amerikaanse helden. Wat een gigantisch bloedbad hebben zij voorkomen in deze propvolle mensentrein.

Door de terroristische acties in de landen rondom Nederland is er nog steeds sprake van een dreiging. Tot nog toe is het rustig maar de alertheid begint af te takelen. Adhoc zaken en de waan van de dag maken ons politiemensen weer ietwat nonchalanter. Raar, want de wereld die politie heet is omgeven van dreigingen, geweld- en vermogensdelicten maar vooral door geweld.

Het lijkt erop dat de mensheid een gen in zich heeft dat vernietigingsgezind is. 

Onveiligheidsgevoelens in de maatschappij nemen gevoelsmatig toe ook al zeggen grafieken van de ministeries anders.

De IBT docent laat ons groepje als intro in de levenslessen voor deze dag een aantal geweldszaken zien die ook al in opsporing verzocht uitgezonden zijn. OMG’s = Outlaw motor gangs, plaveien hun paden en tarten de onderlinge pikorde maar ook politie en justitie. Terrorisme kent hoogtijden. 

Geweld neemt schrikbarend toe en het vuurwapengebruik is explosief stijgend. kijk maar naar de mediaberichten waarin slechts het topje van de ijsberg boven water komt aan inbeslag genomen spul.


U kent ongetwijfeld dit filmpje van Frankrijk waarin twee gemaskerde terroristen in een auto stappen en op een politieauto afrijden en met een Kalasjnikov beginnen te schieten ten tijde van Charlie Hebo. Er is dan al een politie slachtoffer te betreuren. De politieagenten in de auto met zwaailichten reageren snel en goed. Zij maken zich uit de voeten en zoeken een veilig heenkomen.

Wij krijgen in de IBT les een Kalasjnikov te zien en te voelen. Een eenvoudig maar uiterst doelmatig dodelijk wapen dat nooit faalt. De daadkracht en indringend vermogen van Kalasjnikov is ongekend in doeltreffendheid en dodelijke precisie. Geen politieharnas is ertegen bestand. Via het Oostblok is dit vuurwapen overigens vrij gemakkelijk aan te schaffen voor een aanvaardbare prijs. Terroristen hebben Kalasjnikovs ter beschikking.

Het Kalasjnikov projectiel gaat door meerdere autoportieren en harnassen heen. Het slaat bressen in muren en is ongenaakbaar in kracht en uithoudingsvermogen. Met deze informatie in ons achterhoofd gaan we een aantal praktijk casussen draaien met een terroristische acties. We pakken ons lichaam en hoofd goed in met beschermende kleding. Treffers op de huid betekenen sowieso blauwe plekken!

Communicatie in een dergelijke shooting gallery is uiterst belangrijk. De casussen met terroristen in het vizier volgen elkaar op in een moordend tempo, uit verschillende ooghoeken en veranderende situaties. Volledig geënt op reële praktijk situaties.

Je eigen veiligheid blijft het belangrijkste, want eenmaal dood, kun je niemand meer helpen. Dus dekking zoeken. Vuurwapens herkennen. Ook al heb je je vest en harnas eroverheen aan, een Kalasjnikov projectiel kan er doorheen gaan. Vragen aan terroristen met welk kaliber ze schieten is natuurlijk een irreële geestigheid.

De IBT dag wordt vervolgd met de verplichte schiettoets en een aantal mooie reële praktijkoefeningen, geënt op vuurwapen dreigingen.

Als laatste blok nog een opfriscursus in levensreddende handelingen, de reanimatiecursus en bedienen van de AED.

Deze IBT dag is kwalitatief gezien een mijlpaal tot nog toe, volgens mijn eigen beleving. Chapeau voor de bevlogen docenten.

Kwantitatief gezien zijn de 32 uur per jaar IBT lessen bruto nog steeds aan de ondermaatse kant. 

Hoop doet leven wanneer we elke maand dergelijke praktijklessen zouden krijgen.

Safety first, arbeidsomstandigheden en #CAO politie 2015,